Tenaanval

Tenaanval

Over bibliothecarissen, bibliotheken, leesbevordering en soms over kunst

Tenaanval geïnterviewd

3 mei 2015 | 1 Comment

sound of music maria

Vorige week donderdag ben ik tijdens de Themabijeenkomst over Het Nieuwe Lezen bij ProBiblio geïnterviewd over het thema De digitale geletterdheid van de (Super)bibliothecaris. Karen Bertrams heeft me ten overstaan van een volle zaal een klein uurtje bevraagd over mijn beweegredenen voor mijn online presence: over mijn blog en mijn social media gebruik. Ter voorbereiding op dat interview heeft Karen me een aantal van de vragen die ze wilde stellen gemaild. De vragen en de antwoorden die ik daarop gaf deel ik hierbij graag. Het uiteindelijke interview verliep iets anders, maar al deze vragen zijn op de een of andere manier aan bod gekomen. Voor degenen die dit blog al langer volgen of de mensen die mij goed kennen zal het weinig nieuws zijn, voor anderen is het misschien wel aardig. Kijk maar.

 Hoe ziet je online dag er uit? (op welke tijdstippen doe je wat en waarom)

Er is een verschil tussen het weekend en werkdagen. Op dagen dat ik moet werken doe ik de meeste social media ’s avonds. Thuis op de bank. Met overdag misschien af en toe een blik op Twitter, tussen de bedrijven door. Als ik niet hoef te werken heb ik de neiging om veel op Twitter te kijken, op mijn telefoon of iPad. Bloggen doe ik sowieso meestal ’s avonds. Op de bank, voor de tv. Want het moet wel gezellig blijven. Dat is niet de meest effectieve manier omdat ik dan vaak toch één oog op de tv hou. Soms, als ik een heel lastig stuk wil schrijven of als ik overdag snel een berichtje wil plaatsen, laat ik de tv uit en dan gaat het een stuk sneller.

Ga je intuïtief, strategisch, impulsief te werk?

Ha, ha! Wat denk je zelf? Ik ga meestal heel intuïtief te werk, dat wil niet zeggen dat ik soms niet wat langer nadenk over een stuk. Maar ik schrijf op gevoel. Soms reageer ik heel impulsief, vooral als ik kwaad ben. Ik blog helemaal niet strategisch, maar soms pas ik de timing van een stuk om strategische redenen wel aan. En ik ben uit strategisch oogpunt wel voorzichtig met wat ik zeg en vooral met hoe ik iets zeg. Omdat ik wel nog een paar jaar wil werken in deze branche probeer ik niet op al te veel tenen te gaan staan.

Welke bloggers inspireren je, bewonder je?

Is het heel arrogant om te zeggen dat ik niet geïnspireerd word door andere bloggers? Ik bewonder wel mensen. Het begon natuurlijk allemaal met Edwin Mijnsbergen, alleen al omdat hij de eerste biblioblogger in Nederland was. Hij schrijft heel gemakkelijk en hij heeft mij geleerd dat je over alles kunt schrijven. En hij heeft het lang vol gehouden, dat is ook knap.

Iemand anders die ik heel goed vind is Wim Keizer. Allesbehalve een prototype blogger, hij zet zich juist altijd erg af tegen al die bloggers. Maar wat ik van hem heel goed vind is dat hij zich vastbijt in een bepaald onderwerp en niet meer loslaat. OK, hij is soms erg uitgebreid, maar het klopt altijd wel wat hij zegt en hij trekt zich niks aan van wat anderen van hem vinden. Hij kan heel goed schrijven, ook niet onbelangrijk. En je steekt er altijd wat van op. (de onderwerpen zijn soms allesbehalve sexy, maar daarom niet minder belangrijk)

En in diezelfde categorie valt Raymond Snijders met zijn Vakblog. Hij weet heel veel, deelt graag en zoekt heel veel dingen uit. Op een totaal ander vakgebied dan waar ik me begeef (veel auteursrecht, digitale gadgets en zo) maar toch heel interessant.

De meeste bloggers die ik bewonder zijn Amerikanen. Zoals Screwy Decimal en de Librarian in Black. Zij nemen geen blad voor de mond en gaan soms vol in de aanval. Al zijn ze beiden de laatste tijd nogal stil. En er zijn twee hele interessante blogs die door een groep bibliothecarissen worden bijgehouden: In the library with the lead pipe en The Library as incubator

Voor welke bloggers ben je bang?

Voor niemand. Er zijn wel bloggers die ik vervelend vind. Maar die lees ik gewoon niet meer. Die schrijven steeds over hetzelfde, ze schrijven niet goed of ze proberen relletjes te trappen. Dat vind ik saai.

Welk blog levert (je) de meeste aandacht / controverse / resultaat op?

Dat zijn een paar verschillende onderwerpen. Mijn best gelezen blog is (met afstand) een blog waarin ik het verschil uitleg tussen een A, B of C boek. Dat wordt nog steeds bijna dagelijks gelezen. Treurig maar waar. Het “best gelezen blog op een dag” is het blog waarin ik aankondig dat ik ontslag heb genomen bij ProBiblio en naar de Bollenstreek vertrek. Het meeste resultaat leverde mijn blog over het sluiten van de Airport Library. Daarmee heb ik wel de massa gemobiliseerd, althans zo voelde het.

De meeste controverse? Dat weet ik niet. Ik krijg zelden reacties. Soms zie je dat een blog heel veel geretweet wordt, of zie je opeens heel veel mensen op het blog binnenkomen vanaf een bepaalde mailserver, dan mailen collega’s het blijkbaar naar elkaar. Maar daar hoor ik weinig op terug. Misschien zijn sommige mensen heel erg boos op me maar dat hebben ze dan nog nooit tegen me gezegd. De meeste reacties krijg ik overigens op hele praktische of flauwe blogs. “in welke Nederlandse kinderboeken spelen bibliothecarissen een belangrijke rol”, dat soort dingen.

 Probeer je dat bewust te bereiken?

Ik schrijf nooit omdat ik een relletje wil trappen, soms wel omdat ik een discussie op gang wil brengen of omdat ik mensen ergens van wil overtuigen.

Lig je wel eens wakker over een te schrijven blog?

Nee, wakker nooit. Maar er zijn wel blogs waar ik op loop te broeden. Dan ben ik op zoek naar de juiste invalshoek om er over te schrijven. Of dan denk ik na over de juiste manier om iets te zeggen (dat laatste vooral als het over iets landelijks gaat)

Lig je wakker van reacties? Welke?

Nooit. Maar ik krijg dan ook weinig reacties en als ik ze al krijg zijn ze positief of in elk geval instemmend. Een heel enkele keer is iemand het niet met mij eens en daar lig ik niet van wakker. De mensen die mij heel stom vinden reageren waarschijnlijk gewoon niet.

Welke tips heb je voor je collegae voor het betreden van de arena ?

  1. Zoek iets wat je leuk vindt. Een vorm, een onderwerp, iets wat bij jou past.
  2. Blijf bij jezelf. Ga je niet anders voor doen dan je bent. Dat voelen mensen namelijk en onecht werkt niet.
  3. Hou vol. Zorg dat je een bepaalde routine opbouwt. Bouw een bepaalde regelmaat op. Bijvoorbeeld door minstens één keer per week een stukje te schrijven. Of minstens 5 keer per week een tweet te plaatsen. Dwing jezelf daartoe. Want anders verloedert het en dan hou je er snel weer mee op.
  4. Toon emotie. Nu en dan een heel enthousiast of heel verdrietig stuk is interessant. (niet overdrijven trouwens)

Welke ontwikkelingen zie je voor het nieuwe lezen? Hoe ziet dat er over 5 jaar uit?

Wat mij betreft gaan we weer terug naar de “ouderwetse” bibliothecaris. En dan bedoel ik ouderwets in de zin van 20 jaar geleden: toen mensen naar de bibliotheek kwamen met de vraag “weet u nog een leuk boek?” of om een gezellig praatje te maken over boeken of een actueel onderwerp. Die bibliothecarissen staan dan uiteraard naast mediacoaches en taaldocenten.

Welke input zou je willen geven aan een opleiding / hoe ziet die eruit?

Ik heb een duidelijk beeld van hoe die opleiding er uit zou moeten zien. Het credo zou moeten zijn: “inspireren, creëren en participeren”, met dank aan Rob Bruijnzeels. Het sociaal-maatschappelijke belang van de openbare bibliotheek zou het uitgangspunt moeten zijn en er zou een combinatie van vakken op het gebied van educatie, communicatie, bedrijfskunde, psychologie, onderwijskunde gegeven moeten worden. En uiteraard een flinke dosis geschiedenis van het vak en content curatie. Wat mij betreft zou dat een opleiding moeten zijn met veel aandacht voor algemene ontwikkeling maar waar ook het empathisch vermogen van de student wordt aangesproken. Want dat is een belangrijke grondhouding die je in het werk nodig hebt. Naast didactische en andere praktische vaardigheden.

Wie zijn je leermeesters?

Docenten van de BDAT. Daar denk ik de laatste jaren steeds vaker aan terug. Ik vond het toen allemaal niet erg spectaculair en vaak erg saai maar ik denk nu af toe “verdomd, je had gelijk”. En collega’s uit de bibliotheek van Amstelveen. Daar hebben ze een echte bibliothecaris van me gemaakt.

Wat beteken je als Persoonlijk SuperBibliothecaris voor Nico?

foto nico

One person is talking about “Tenaanval geïnterviewd

  1. Bedankt voor je compliment, Jeanine! Ik hoorde al van Karen Bertrams dat je me zou noemen in je interview.
    Ik ben inderdaad geen prototype blogger. Ik begon in 1970 in de “informatiesector” als journalist bij de Zwolse Courant toen kopij nog handgeschreven naar de zetterij werd gebracht. En prachtige ambiance van lawaaiige machines en loden regels die op grote tafels moesten worden opgemaakt in een raamwerk ter grootte van een pagina. En ook het drukken op de pers zelf was een ouderwets-ambachtelijke aangelegenheid.
    Nu zijn we 45 jaar en veel ontwikkelingen verder. Ik werk nog steeds in de “informatiesector”, als freelance journalist voor Bibliotheekblad(.nl). En daar schijf ik o.a. “gastblogs” voor. Ik heb geen eigen blog, maar lees er wel regelmatig een aantal die ik de moeite waard vind, o.a. die van jou.
    Als ik me wel eens ergens tegen afzet is het tegen het feit dat ik er niet van overtuigd ben dat internet, met o.a. de zogenaamde “sociale media”, alleen maar zegeningen heeft gebracht. Ik vind internet een buitengewoon boeiend verschijnsel, met voor- en nadelen die we nog lang niet allemaal in kaart hebben. Andrew Keen (http://www.theguardian.com/books/2015/feb/01/internet-is-not-the-answer-review-andrew-keen) mag misschien overdrijven, maar heeft wel een punt. Ik vind het jammer dat voorzieningen als kranten en bibliotheken kapot gaan. Ze zijn nog niet in staat gebleken echt een goed antwoord te vinden op de vraag hoe we in het internet-tijdperk kwalitatief hoogwaardige informatievoorzieningen in stand houden en wie deze kwaliteit kan en/of wil betalen. Ik hoop dat adequate antwoorden nog gaan komen.
    Ondertussen lees ik vaak met plezier en instemming je blog, naast andere blogs, tweets, diverse websites, kranten en tijdschriften.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *