Tenaanval

Tenaanval

Over bibliothecarissen, bibliotheken, leesbevordering en soms over kunst

verhalen

All of the posts under the "verhalen" tag.

Dag kapper!

“Dag kapper!” Met veel moeite deed het jongetje de deur achter zich dicht. “He Nuredin!” riep de kapper vanuit het keukentje.

“Wat heb jij een een mooi zwartepietenpak aan zeg! Hoe kom je daar aan?”

“Heeft oma voor mij gekocht.” “Prachtig! Waar heeft ze dat gekocht?” “Bij Bart Smit.”

“Mooi hoor! Je bent net een echte zwarte piet. En wat staat die kleur je goed. Kleurt prachtig bij je zwarte krullen. Dat heeft oma heel mooi uitgezocht, die kleur.” “Dit was de enige kleur die ze hadden.”

Het jongetje zat te stuiteren op het bankje. “Morgen komt Sinterklaas aan in Gouda. En zondag hier in Amsterdam. Dan gaan we kijken. De pakjesboot is lek. En alle zwarte pieten zijn in het water gesprongen.”

“Wat erg zeg. Gaat de boot dan zinken? En hoe moet dat dan met alle cadeautjes? Gaan die ook zinken?”

Nuredin dacht even na. “Nee, die zitten op een andere boot.”

“Als Sinterklaas hier in Amsterdam komt dan gaan we kijken. En dan krijg ik snoep. Heéél veel snoep. En dat ga ik allemaal opeten.”

“Nu ga ik weer.”

“Dat is goed. Doe je de groeten aan je oma? Dag!”

“Dat was mijn buurjongetje. Kon je merken dat hij ADHD heeft?” vroeg de kapper.

In het voorbijgaan in New York

DSC02084

– gehoord in de Air Train van het vliegveld naar de stad: “why should I spend money on a Kindle? When I want to read something I go to the library. There’s everything I ever wanted to read for free, so why spend money on a device?”

– een groepje militairen in gala-uniform op een professionele fotoshoot bij het 9/11 monument. Na afloop stonden ze klaar om met alle voorbijgangers op de foto te gaan. Ze droegen allemaal dezelfde zonnebril. Het motregende.

– twee vrouwen strooien “crushed chillies”, oftewel gedroogde rooie pepertjes, over hun pizza slice alsof het geraspte kaas is. Een flinke laag. Daaroverheen gaat een laag kaas.

– “fried chicken and waffles” betekent ook inderdaad gefrituurde kip met wafels. Gewone wafels, zoals die je die bij het ontbijt eet. Met tabasco maple sirup, dat dan weer wel.

– verkoopster bij Macy’s (tijdens Memorial Day Weekend) die aan haar naambordje een legergroen vlaggetje heeft hangen met daarop “military family member”.

-twee studenten lopen met me mee, om me de metro te wijzen, ergens in Brooklyn. “You’re visiting someone?” “No, I’m here on holiday”. “So, like for Memorial Day?” Het meisje corrigeert de jongen: “No vacation. They call vacation holiday”

– serveerster die een matroos persé de pen cadeau wil doen waarmee hij zijn creditcardbonnetje heeft getekend. “Love what you’re doing for our country, guys”.

– oudere vrouw kijkt naar haar leeg bord: “so that’s eggplant? I like it. Like it a lot. I always thought eggplant was for hippies”

– over mijn (tegen de regen) samengeknoopte tasje van de NYPL: “love your satchel, strawberry”.

– bovenstaande foodtruck, van Wafels & Dinges. Naar New York gestuurd door het Belgian Ministery of Culinary Affairs, department of waffles. Met een geweldige website, check hun afdeling “history”.

Verhalen van achter de balie

iworkinapubliclibraryDit is leuk: I work at a public library. Een blog met verhalen uit de dagelijkse praktijk  van Amerikaanse bibliothecarissen. Over rare vragen die gesteld worden, over bizarre bezoekers en dingen die worden achtergelaten. Onder het motto: What makes a public library awesome is that we welcome everyone. Everyone. 

En dit blog bewijst dat Amerikaanse bibliotheken heel vreemde bezoekers hebben.

Today, a man rode his bicycle through the library. When I approached him, he said he didn’t want to leave it outside because it was raining and he didn’t have a lock.

Me: “Sir, you can’t ride through the library.”

Him: “It’s not like I’m on a motorcycle, lady!”

And then he rolled out.

Grappig en soms ook wel tragisch. Alle verhalen zijn (uiteraard) getagd en voorzien van een code, ik vermoed een Dewey code. Ik weet niet of dat nou grappig of tragisch is…

Het verhaal van de collectie vertellen

Hier kan ik alleen maar jaloers naar kijken: het Metropolitan Museum of Art (in New York) plaatst elke week een nieuw verhaal op zijn website over de collectie. Elke week houdt een medewerker van het museum een praatje naar aanleiding van of over de collectie. Het stramien is steeds gelijk: je hoort iemand praten terwijl je kunstwerken ziet. Hier hoor je bijvoorbeeld de bibliothecaris over kunstwerken met boeken er op. Geen kunsthistorisch college, maar een persoonlijk praatje, hij zoemt bijvoorbeeld bij deze madonna van Filippino Lippi in op het kind dat dit boek zo ruw behandeld. Een gruwel voor een bibliothecaris natuurlijk…

En het hoofd van de afdeling educatie praat vier minuten lang over bad hair. Pas halverwege zegt ze iets dat specifiek op de collectie slaat maar in de tussentijd hebben we toch al een aantal mooie stukken voorbij zien komen.

Het is een heel breed gezelschap dat babbelt: niet alleen conservatoren en afdelingshoofden maar ook bestuursleden, marketingmeisjes, restauratoren, fotografen en administratief medewerkers. Ze praten over sculpturen, juwelen, being Dutch en zelfs over waarom de Met zo’n goede plek is om te daten. En van ieder getoond kunstwerk wordt achtergrondinformatie gegeven en de exacte plaats waar het in het museum te zien is.

Ik heb al eens eerder verzucht dat ik dit soort dingen zo mis in Nederland (in de KB bijvoorbeeld). The Met heeft de lat hiermee heel erg hoog gelegd, maar iets wat hier een beetje in de buurt komt zou toch moeten kunnen?

Sneue foto’s

 Het ANP is al een poosje bezig met het digitaal beschikbaar stellen van zijn foto archief. Tot mijn grote genoegen, want van zoveel oude foto’s gaat mijn fantasie borrelen.

Op hun site ontdekte ik onlangs de rubriek Opsporing verzocht (met een fotovan de enige echte Jaap van Meekeren). Daarin vraagt het ANP hulp bij het verklaren van een groot aantal foto’s. En dat is zo’n sneue rubriek… Dan héb je een bijzondere prestatie geleverd, dan wórdt er een mooie foto van je gemaakt door een echte persfotograaf en dan weten ze 30 jaar later niet eens meer je naam, laat staan hoe bijzonder je was. De foto hierboven bijvoorbeeld is zo’n tragisch voorbeeld. De enige informatie bij deze foto is een datum: 23 december 1963. Persoon onbekend. Plaats lijkt me ook onbekend, of weet het ANP zeker dat de foto op Schiphol genomen is? De foto is duidelijk geposeerd, want de deur waar die trap voor staat is dicht, dus de man komt niet net het vliegtuig uit. En waarom heeft hij die plaid vast? En die tas? Zo’n tas gebruikte ik een paar jaar nadat deze foto genomen werd als tas voor mijn zwemspullen… Hij lijkt uit een Russisch vliegtuig te komen. Dat kleine beetje stuifsneeuw onder aan de trap doet niet erg Russisch aan, maar die bontmuts dan weer wel. Is het een bekende Rus die net op Schiphol is geland? Of een Nederlander die weer heelhuids thuis is gekomen?  Hij kijkt tamelijk blij, maar waarom staat hij twee twee dagen voor Kerst op een vliegtuigtrap? We weten het niet en de vraag is of we het ooit zullen weten. En of het belangrijk is.

Voor mij is het een aardig spelletje, verhalen fantaseren bij deze foto’s. De foto’s in de categorie Sport zijn het allersneust. Die trotse blikken. En al die trotse mannen in pakken in de categorie diversen waarvan nu niemand meer weet wie het zijn…. Sneu.

Vanuit de trein tussen Utrecht en Den Bosch

Leon Giesen is muzikant en filmer. Ex-bassist van Toontje Lager en maker van de documentaire Van America helemaal naar Amerika, over Rowwen Hèze. Hij heeft een soort van one-man-show als Mondo Leone waarbij hij in zijn eentje op het toneel zit, muziek maakt, verhalen vertelt en filmpjes laat zien. Erg aan te raden, het zijn hele mooie, vaak aandoenlijke filmpjes die laten zien dat het leven mooi is. Meestal dan.

Hij heeft de afgelopen weken met een voorstelling op de Parade gestaan, en ik hoorde dat hij daar een nieuw idee heeft gelanceerd. Hij komt helaas niet naar de Parade in Amsterdam dus ik kan het niet uit de eerste hand navertellen maar het komt er op neer dat hij besloten heeft om een een prijs in te stellen: Het Gouden Randje. Een prijs voor mensen die zonder dat iemand er om gevraagd heeft of dat het enig aantoonbaar nut heeft, geprobeerd hebben de wereld mooier te maken. Kijk daar hou ik van, van dat soort acties. Meer details volgen zodra hij die zelf heeft prijs gegeven op zijn site.

Om alvast in de stemming te komen hierbij een van zijn filmpjes. Iedereen die “met een zekere regelmaat” tussen Utrecht en Den Bosch heeft gereisd en van een bepaalde leeftijd is zal het filmpje snappen. Ik weet niet of het filmpje helemaal tot zijn recht komt als de live introductie van Giesen en het grote scherm uit het theater ontbreken, maar je krijgt in elk geval een beeld van wat hij doet.

De bibliotheek als facilitair bedrijf

Sophia Loren, flickrHet lijkt wel of bibliotheken zich steeds meer ontwikkelen tot een facilitair bedrijf met als doel om zo efficiënt mogelijk zoveel mogelijk boeken uit te lenen en eventueel om zoveel mogelijk internetverbindingen weg te zetten. Alle automatiserings-, digitaliserings- en marketingacties hebben een kwantitatieve insteek: zoveel mogelijk gebruikers erbij, zo min mogelijk leden verliezen etc.

Dat is begrijpelijk want daar zijn we goed in, in logistiek en in praktische dingen. Maar dat is niet waarom de bibliotheken ooit zijn opgericht en waarom we volgens de Unesco zo belangrijk zijn. Het is ook niet waarom de jongens uit Delft internationaal zo bewonderd worden. Onlangs nog op het ALA congres in Chicago. Hun motto is Make Stories, Tell stories, Keep stories en volgens mij is hun boodschap dat het in een bibliotheek niet gaat om boeken maar om verhalen en dat het niet uitmaakt hoe die verhalen gebracht worden: op papier, digitaal of in een game. Een actieve houding is daarbij vereist. Maar bibliotheken zitten nu nog teveel op het passieve Keep-gedeelte van de boodschap.

Edwin blogde vorige week naar aanleiding van een stuk over het doel van de bibliotheek in de Christian Science Monitor en de reacties daarop bij de ALA en in de krant. De meeste reacties gaan in op de nogal boude uitspraken die de schrijver doet over het gebruik van internet en games in de bibliotheek en over de veranderde rol van de bibliothecaris. Veel interessanter vind ik wat hij schrijft over de koffieochtenden die hij in zijn schoolbibliotheek organiseert. Elke maandag ochtend “lokt” hij leraren en studenten met gratis koffie en probeert hij een gesprek op gang te brengen.  It is through that humane, humorous connection that we are trying to win back hearts and young minds to the library. At the coffee center, I am able to meet and talk with students about, oh, maybe Plato or Japanese Noh theater or the paintings of Jasper Johns. And that is exactly one of the blessings of a library. Before librarians put themselves out of business one printout at a time, libraries must explore similar creative ways to engage the community without dumbing down their mission. There is a way for libraries to uphold their noble purpose. They must carefully balance wants and needs of the community – they must stop being one-stop shopping centers.

Het klinkt een beetje sukkelig (hoeveel scholieren zouden zin hebben in een gesprek over Japans Noh theater) maar het principe lijkt me heel lovenswaardig.  Share stories. Als de bibliotheek echt een One-stop shopping center wordt gaan klanten zó naar een ander winkelcentrum als dat betere service levert. Want als het gaat om efficiency en kwaliteit zullen we de strijd altijd verliezen van Bruna, Bol.com of Google, daarom moeten we ons veel sterker richten op waar onze kracht zit (nog wel) en dat is persoonlijk contact en toegevoegde waarde. Verbindingen leggen (letterlijk en figuurlijk) en balanceren tussen wat het publiek vraagt en wat wij belangrijk vinden. Tussen volksverheffing en entertainment. Tussen het grote verhaal en het kleine leed.

Share stories. Zoek de relevantie voor de gemeenschap. Zo hou je de bibliotheek levendig en relevant. Lijkt me een schitterende uitdaging. Wie gaat hem aan?

Ding 17: Web 2.0

Voordat ik met dit ding ging beginnen dacht ik dat ik nog maar marginaal met Web 2.0 bezig was: ik kom wel eens op Bibliotheek 2.0 (ben geen lid), zit op Hyves (doe er niet veel mee, voornamelijk wat babbelen met de 14-jarige dochter van een vriendin) en zit op LinkedIn (ook niet echt fanatiek).

Maar toen ik zo eens wat rondkeek bleek ik nog veel meer te kennen: Flickr, Netvibes, Youtube, Meebo en Googledocs zijn allemaal 2.0.  Dus dat schiet lekker op! Al rondkijkend was ik eerlijk gezegd niet echt onder de indruk van wat ik zag. Het is vooral veel vorm, veel verschillende manieren om dingen beschikbaar te stellen, het gaat nauwelijks over inhoud. Maar misschien valt de inhoud me niet op omdat de dingen die mij interesseren er niet te vinden zijn en de dingen die er wel op staan mij niet zo boeien. Als je op kunst zoekt kom je wat foto sites tegen, of verzamelsites van kunstenaars. Een soort telefoongids voor als je een kunstenaar zoekt.

Wat ik wel aardig vond om te zien was onder het trefwoord boeken: Biblio.com en Lulu.com. Bij het ene kun je oude boeken kopen, bij het andere kun je boeken laten maken. Op de een of andere manier had het iets treurigs, allebei programma’s om boeken die niet op een normale manier bij het publiek kunnen komen toch kwijt te raken.

Het leukst was nog wel One sentence: true stories, told in one sentence. Korte verhaaltjes, precies wat de ondertitel zegt. Zoals deze: How many times did she have to be told: you don’t leave a five-month-old alone in the bathtub?  Maar het is mij weer niet helemaal duidelijk wat daar nou 2.0 aan is, want er is zo te zien geen interactie. 

Maar toch aardig.

 

get_footer() ?>