Tenaanval

Tenaanval

Over bibliothecarissen, bibliotheken, leesbevordering en soms over kunst

corona

All of the posts under the "corona" tag.

Carnavalsliedje zonder carnaval

Afgelopen donderdag kwam dit filmpje online, met als bijschrift ‘Vastelaovesleedje in een jaar zonder vastelaovend’. Sinds kort weet ik dat het donderdag ‘Vette Donderdag’ was, een feest dat voornamelijk in Duitsland en Polen gevierd wordt. Ook wel het begin van carnaval, dus een hele toepasselijke dag om dit filmpje te publiceren. Het is de clip bij een liedje van Frans Pollux, schrijver, interviewer en bij het niet-Limburgse publiek waarschijnlijk vooral bekend als zanger van het Top 2000 liedje Hald Mich ’s Vas en/of de maker van de podcast De laatste dans. Het is een weemoedig liedje over muziek die niet klinkt en over een feest dat niet gevierd wordt.

En over het beste er van maken: ‘Als het zo moet, dan houden we het klein. Dan gaan we naast elkaar staan met het raam open, met schmink op ons gezicht. En alle kleuren die verzinnen we, al weet ik nog niet hoe.’

Dat is niet alleen een mooie tekst maar ook een mooie vergelijking met de hele Corona toestand. Binnen de beperkte mogelijkheden die er zijn doen we ons best: we gebruiken onze fantasie en onze inventiviteit en dan komt er soms iets heel moois en verrassends uit. Ik vier al een paar jaar geen carnaval meer, maar nu mis ik het wel. Misschien juist omdát het niet kan. Zoals dat in deze tijd met veel dingen gaat: na 21 uur ben ik zelden nog buiten, maar nou dat niet mag is dat toch stom.

De video is overigens van Rob Hodselmans, die ook al die prachtige film Nao ’t Zuuje maakte, over Carnaval in Venlo. En als je die podcast van Frans Pollux nog niet geluisterd hebt moet je dat zeker doen. Die is geweldig.

Een passend kerstlied

Volgens sommige mensen is ‘Fairytale of New York’ van The Pogues het mooiste kerstlied ooit gemaakt. Daar verschillen de meningen over, zelf ben ik groot fan van Bing Crosby, maar het is wel een prachtig nummer. Voor wie ze niet kennen: The Pogues was een Ierse folk/punkband uit de jaren 80 en 90.  De band bestaat niet meer maar heeft nog wel een grote schare fans. In mei van dit jaar, tijdens een lockdown werd The PoguestrA opgericht, een wisselende groep muzikanten verspreid over de hele wereld die op afstand samen nummers van The Pogues opnemen en op Youtube zetten. “A COMMUNITY powered by PASSION, DIVERSITY and INCLUSION” zeggen ze zelf. Zo te zien nemen ze ongeveer elke maand samen een nummer op, in deze maand lag het kerstnummer voor de hand.

Niet alleen vanwege Kerstmis, maar de tekst is ook wel toepasselijk: ‘I can see a better time, when all our dreams come true”. Mooi, al die muzikanten, ieder in hun eigen kamer en toch samen.

In The Poguestra zijn ook een aantal Nederlandse fans actief, heel actief zelfs. Zij hebben er voor gezorgd dat Tren van Enckevort, van Rowwen Heze meespeelt in dit nummer. Ik vind het filmpje geweldig. Het allermooist vind ik het refrein, dat gezongen wordt door leden van The Include Choir, een Brits koor met ‘people with and without understanding or speaking difficulties’. Vandaar dat ze al zingend gebaren maken, zodat de koorleden die niet kunnen praten ook kunnen meedoen. Dat lijkt me de ultieme kerstgedachte: samen doen en zorgen dat iedereen mee kan doen. Het zal wel aan Corona liggen, maar het ontroert me.

Met die ultieme kerstgedachte in het achterhoofd wens ik graag alle lezers fijne feestdagen. Samen met iedereen die je lief is, al dan niet op gepaste afstand.

De Kleine Komedie Adventskalender

Het Amsterdamse theater De Kleine Komedie heeft een adventskalender op zijn website staan. Sinds 1 december gaat er elke middag om 12 uur een vakje open met daarachter een filmpje van een optreden van een artiest. Speciaal opgenomen voor deze kalender, gefilmd in het theater. Ideetje van directeur Vivienne Ypma, die iets wilde doen voor haar trouwe publiek, haar medewerkers en voor de artiesten. De artiesten krijgen, dankzij een sponsor, voor dit optreden betaald.

Het aanbod is heel divers, op 1 december werd de kalender geopend met een optreden van Brigitte Kaandorp en Theo Nijland met een lied over de behoefte die we in deze tijd hebben aan warmte en aanraking. Een lied dat nogal ontspoort. De dag erna zingen Yentl en De Boer over hoe het was toen we nog handen gaven. Oh ja, zo was dat…

Niet alles gaat over Corona. Erik van Muiswinkel, op het filmpje hierboven, zingt als sarcastische Sinterklaas een bestaand liedje van Drs. P. In het vakje van 5 december, uiteraard. Erg grappig, kijk vooral even. Het is een gevarieerd programma met bekende en minder bekende artiesten. Heel afwisselend. Ze hebben ook al een livestream gehad van 2,5 uur onder de titel De avond van de ballade.

Mooi initiatief vind ik het. Ik hou van adventskalenders en van theater, dus dit is een prachtige combinatie.

Wennen aan een lockdown

Wie had dat een half jaar geleden gedacht: dat je gaat wennen aan een lockdown. Die eerste lockdown overviel ons, toen was het zoeken naar hoe je daar mee om gaat. Niet alleen voor ons, in de bibliotheek, maar iedereen was zoekende: wat mag wel en wat niet? Wat is handig en hoe pak je dat aan? Toen we half mei weer open mochten was dat een opluchting: ‘Fijn, vanaf nu gaan we langzaam weer terug naar normaal. We laten stapje voor stapje de regels los en over een paar maanden is alles weer voorbij en kunnen we gewoon weer doen wat we altijd deden.’ Alsof het een nare droom was die voorbij zou gaan. Maar zo werkt dat natuurlijk niet met zo’n wereldwijde pandemie. En dat wisten we ook wel, dat het zo waarschijnlijk niet zo zou gaan, maar we wilden het met zijn allen zo graag. Je merkte het in de bibliotheek: in het begin waren mensen heel blij dat de deuren überhaupt open gingen en hadden ze er alle begrip voor dat er alleen maar geleend mocht worden en verder niks. Maar na een paar weken werd de leeszaal toch weer in gebruik genomen: we hadden alle stoelen weggehaald (want er mocht niet gezeten worden) maar je kunt ook staande de krant lezen. En toen er eindelijk weer gestudeerd mocht worden bleven de studenten in het begin keurig in hun eentje aan een tafeltje op 1,5 meter zitten. Maar na een paar weken werd er toch weer met stoelen gesleept.

Dus die tweede lockdown was niet echt een verrassing, daarbij hielp het dat een week van te voren al uitlekte dat die er aan kwam. Het was fijn om te zien dat we routine hadden gekregen in het verplicht sluiten en weer open gaan. Ook de lezers waren er op voorbereid: in de dagen voorafgaand aan de persconferentie hebben ze massaal ingeslagen, de bibliotheek leek soms wel een slagveld. Toen we eenmaal dicht waren bleef het erg rustig. In tegenstelling tot de vorige keer stond de telefoon nu niet roodgloeiend en liepen ook de mailboxen niet over van mensen die zich zorgen maakten over hun boeken die te laat waren. Ook fijn dat we routine hadden in het weer open gaan: de laatste protocollen werden tevoorschijn gehaald, nog even kritisch bekeken en hup daar gingen we weer.

Mondkapjes, ook zoiets. Tot Corona droegen alleen de Chinese en Japanse toeristen die, op weg naar het Outlet Center hier in de stad. Afgelopen zomer herkende je daar de Duitse toeristen aan, die een beetje onwennig kwamen winkelen, vaak met het mondkapje onder hun kin. Nu ben ik zelf een geroutineerd mondkapjes op- en afzetter, niet alleen in winkels maar ook op weg naar de koffieautomaat. Ik heb inmiddels een verzameling van verschillende mondkapjes, want als het dan toch moet kun je er beter iets leuks van maken.

Na deze tweede golf komt er ongetwijfeld ook nog een derde en misschien zelfs een vierde of vijfde golf. Of wij dan ook weer dicht moeten is de vraag, gezien alle protesten van mensen die het belachelijk vonden dat uitgerekend de bibliotheken dicht moesten. Dat is wel een positief punt wat mij betreft: dat veel mensen nu opeens de waarde zien van de verblijfsfunctie van de bibliotheek. Al die columnisten die boze stukjes schreven over de sluiting en de politici die zich daardoor lieten meeslepen kunnen er hopelijk voor zorgen dat we een volgende keer niet meer dicht hoeven. Levert zo’n lockdown toch nog iets positiefs op.

Quarantaine club

Dit is een oud filmpje, om een beetje een idee te krijgen

Mensen die mij kennen weten dat ik van Mondeo Leone hou, ik schreef vaker vaker over hem. Voor de mensen die dat niet wisten en die hem niet kennen: Mondo Leone is Leon Giesen, muzikant en filmmaker. En verhalenverteller. Dat nog wel meest, op alle mogelijke manieren: hij maakt theatershows, vertelt verhalen op zijn website en zelfs bij je thuis als je dat wil.

Toen de vorige lockdown (die intelligente) een week bezig was kreeg ik een mailtje van hem, dat hij een quarantaine club ging beginnen. Aan iedereen die 40 euro aan hem betaalde zou hij 40 dagen lang elke dag een Mondo Leonisch bericht sturen, met die dag gemaakte muziek. “Even een ander geluid in deze saaie rare dagen.” Ik heb meegedaan aan de Quarantaine Club, zoals ik een paar jaar geleden ook al eens lid werd van zijn Instituut voor Verwondering. Ik vond het heel fijn, elke dag een berichtje met iets leuks, iets positiefs. Giesen is die Quarantaine Club gisteren opnieuw gestart dus als je dat iets lijkt kun je nog meedoen. Kijk even op zijn website of stuur hem een mailtje dan legt hij uit hoe het werkt. Hij gebruikt dezelfde berichtjes als in het voorjaar, maar hem kennende zal er toch af en toe een nieuwe twist zitten. Ik kan het aanraden.

En voor degenen die Mondo Leone wel kennen: ik heb de afgelopen weken ook meegedaan aan de Moby Dick Leesclub. Ook een mooi (en geheim!) avontuur.

‘Curbside Larry’

Toen de Nederlandse bibliotheken, net zoals zo’n beetje alles, dicht moesten vanwege Corona ontstonden er na een paar weken diverse initiatieven om lezers toch van boeken of ander materiaal te voorzien. Dat werd bijvoorbeeld thuis gebracht of mensen konden het in de bibliotheek komen afhalen. Na twee maanden gingen de meeste bibliotheken weer open, voorzien van looproutes, spatschermen, plastic handschoenen en heel veel desinfectiemateriaal.

In de Verenigde Staten is de situatie heel anders. Op een heleboel gebieden, maar zeker op bibliotheekgebied. Daar verschilt het per staat, in sommige staten zijn bibliotheken wel open maar meestal zonder al die maatregelen die wij getroffen hebben, in andere staten zijn ze nog steeds gesloten. De bibliotheek van Harris County is nog steeds dicht maar heeft wel bij al zijn filialen een afhaalpunt gemaakt. Een curbside pickup, op zijn Amerikaans: je rijdt met je auto naar de bibliotheek, meldt je telefonisch, doet de kofferbak open en de bibliothecaris van dienst zet een tasje met boekje in je achterbak. Om daar reclame voor te maken hebben ze dit filmpje gemaakt, van Curbside Larry. De medewerkers van de bibliotheek waren aan het nadenken over hoe ze reclame konden maken zonder reclamebudget. Zo kwamen ze op de goedkoop aandoende tv-spotjes van tweedehandsautoverkopers die in de VS ’s avonds laat vaak op tv zijn en daar zijn ze op door gaan fantaseren. Wat je er ook van vindt, het is heel effectief want het trekt enorm de aandacht. Het filmpje wordt veel gedeeld op social media en het is besproken in verschillende tv-programma’s. Hier wordt bijvoorbeeld John Schaeffer, de bibliotheekmedewerker die Larry speelt geïnterviewd. Kun je hem ook zonder cowboyhoed zien.

Voor het geval je het nog niet door had: Harris County ligt in Texas, vandaar dat Larry reclame maakt voor de Barbara Bush Branch Library. Dat is geen grapje, die heet echt zo. De Amerikaanse situatie is zoals gezegd heel anders. Daar zijn bibliotheken soms gewoon weer open gegaan zonder dat er andere maatregelen zijn getroffen dan dat mondkapjes verplicht waren. Wat weer tot dramatische verhalen heeft geleid van bezoekers die weigeren een mondkapje te dragen en medewerkers die dringende oproepen doen om vooral niet open te gaan.

Omdat het zo toepasselijk is sluit ik graag af met dit citaat uit Texas Monthly over het filmpje: ‘In times like these, we’ll look for our unlikely heroes wherever they may appear—and when we pull up to the curb, we’ll open the trunks to our hearts, and let them crawl inside.’

Rare tijden, of een pleidooi voor twijfel

Het zijn rare tijden. Dat hebben we de afgelopen maanden tot vervelends toe gezegd en gehoord. Ik heb het zelf ook verschillende keren opgeschreven, in mails en nieuwsbrieven. En dat klopte ook. Maar eerlijk gezegd vind ik de tijden nu nog raarder dan drie maanden geleden. Want toen was duidelijk wat er aan de hand was: we zitten midden in een pandemie, we doen er alles aan om het aantal zieken zo klein mogelijk te houden en daarom houden we ons aan een paar duidelijke voorschriften. Daar was redelijke consensus over en in mijn geval had ik alleen discussies met mijn moeder over waarom ze me niet meer mocht zoenen.

Nu is alles veel onduidelijker. Voor mij althans. Voor een aantal andere mensen niet: die weten precies hoe het zit. Die vinden die hele lockdown en alle maatregelen onzin, want het virus bestaat niet en alles is een complot van de overheid. Of die vinden dat er een hele andere lockdown had moeten zijn met andere keuzes want nu hebben we dor hout beschermd. Of die vinden dat die lockdown veel te lang geduurd heeft en dat het allemaal wel mee valt want ik ken niemand die Corona heeft gehad en nou is de economie kapot. Of die denken dat ze zelf Corona hebben gehad “want ik moest 6 weken geleden een paar dagen heel erg hoesten dus ik kan niet meer besmet worden dus die regels gelden niet voor mij.” Of die vinden dat de wetenschappers en deskundigen het allemaal verkeerd zien en dat er maar één iemand is die wel precies weet hoe het zit. En dat zijn ze dan meestal zelf.

Ik word daar tamelijk onrustig van. Niet van al die verschillende meningen, want laat duizend bloemen bloeien zou ik zeggen. Wel van het feit dat al die mensen het allemaal zo zeker weten. En dat ze dat zo luid rondtoeteren en dat iedereen die het daar niet mee eens is een sukkel is. Of op zijn minst met een minachtend glimlachje wordt weg gezet. Ik wilde zo graag een mooi stukje schrijven over het einde van het hele corona gedoe, als het zo ver was. Want het is best grappig om die andere stukjes terug te lezen, die lijken nu allemaal alweer heel lang geleden. Dus een laatste stukje over de eindfase zou het mooi rond maken. Maar ik weet helemaal niet of we al aan het einde zijn. In het begin werd er gewaarschuwd dat er altijd een tweede golf komt maar daar hoor je nu weinig over. En als die tweede golf komt: wanneer dan? En hoe? Het verpleegtehuis in mijn geboortedorp is sinds vorige week weer dicht want er zijn 7 bewoners besmet. In de Duitse deelstaat Nordrhein Westfalen is er alweer een uitbraak en daar zijn een paar dorpen in quarantaine gezet. Die deelstaat ligt hemelsbreed nog geen 8 kilometer van mijn huis vandaan. Hoe groot wordt die tweede golf dan als die komt? Beginnen we dan weer van voor af aan? Moet hier dan ook alles weer dicht? Ik weet het niet. Niemand weet het, dat is nou net het probleem. Want als we zeker wisten wat er zou gebeuren dan zouden daar plannen voor worden gemaakt en protocollen voor worden bedacht. Want alles is te regelen en de wereld is maakbaar. Althans, dat zouden mensen graag willen. Daarom geloven ze zo snel een opiniepeiler of een dansschoolhouder met een makkelijk verhaal. Maar niet alles is te regelen en niet voor alles is een oplossing.

Dat heeft me de laatste weken erg bezig gehouden. Waarom is er zo weinig ruimte voor twijfel? Het antwoord is natuurlijk dat dit een hele onzekere periode is waarbij de hele wereld op zijn kop staat. En mensen worden onrustig van onzekerheid en klampen zich daarom vast aan dingen die wel zeker zijn, dat is logisch, dat weet ik wel. Maar ik word er soms zo moe van. Van dat ‘ik heb een mening, dus ik heb gelijk’. En van de grootste schreeuwers die als eerste hun zin krijgen. Het is ook heel verwarrend dat als je ’s middags ergens gaat lunchen je voordat je gaat zitten je handen moet desinfecteren en een hele trits vragen over je gezondheid moet beantwoorden en als je dan ’s avonds ergens gaat eten je zonder boe of bah vanachter de bar naar een tafel wordt gewuifd en de kok gezellig over de tafel komt hangen om zijn specialiteit toe te lichten.

Die uitspraak van Rutte “Met 50 procent van de kennis, moeten we 100 procent van de besluiten nemen”, tijdens die eerste persconferentie vind ik zelf nog steeds heel mooi. We kunnen niet in de toekomst kijken, soms moeten er nou eenmaal besluiten worden genomen en de meeste mensen doen hun best. We weten niet altijd wat de beste oplossing is. Dan wordt er op gevoel een beslissing genomen, of een uitspraak gedaan. Soms met een slag om de arm, soms wordt de twijfel overschreeuwt met stoere woorden. Want twijfel is zwak en zwak is slecht. Zeker voor leiders. In elk geval voor veel mannelijke leiders. Maar twijfel betekent volgens mij ook dat je open staat voor nieuwe inzichten en dat je flexibel bent. Want je weet niet zeker of je de juiste beslissing hebt genomen. Dus kun je je mening en je beslissing bijstellen als er een nieuw inzicht komt. Dat is op de lange termijn veel duurzamer dan met al je zekerheid op je misschien wel achterhaalde standpunt blijven staan. Vind ik dan.

Maar goed, het zijn rare tijden. En er zit niks anders op dan af te wachten hoe het verder gaat met dat virus. Misschien lees ik dit stukje over vier weken terug en moet ik lachen om al die twijfel. Voorlopig twijfel ik nog even door.

Pinguïns in het museum

Een groepje pinguïns bezocht twee weken geleden The Nelson Atkins Museum of Art in Kansas. Dat is precies zo raar als het klinkt. De pinguïns waren afkomstig uit de Kansas City Zoo. De mensen uit de dierentuin waren bang dat de pinguïns zich zouden vervelen omdat ze nu geen mensen meer zien, daarom nam de directeur ze mee op excursie. Blijkbaar waren er maar 3 gegadigden voor die excursie, want op de livestream van het pinguinverblijf zie je dat ze er heel wat meer hebben (81 om precies te zijn).

Dit bezoekje komt niet helemaal uit de lucht vallen want zowel het museum als de dierentuin doen wel vaker dit soort ludieke dingen, gisteren was het plaatselijke symfonieorkest nog op bezoek in de dierentuin. Uiteraard past zo’n actie ook mooi bij de doelstellingen van beide instellingen: het museum heeft o.a. als doel ‘to challenge and comfort’ en de dierentuin wil mensen verbinden met elkaar en de natuur.

Ik kan nu heel cynisch iets zeggen over een reclamestunt, maar dat ga ik niet doen. Ik vind het schattig. Het schattigst vind ik nog wel dat de museumdirecteur het zo serieus neemt en teleurgesteld lijkt dat de pinguïns niet van Monet houden. Ik ben al lang blij dat ze er niet zo’n troep van maken als de pinguïns van Jim Carey die in Mr. Popper’s penguins het Gugenheim Museum bezoeken.

Lockdown, de film

Voor wie het gemist had: de allereerste Nederlandse speelfilm over de lockdown die we (nog niet helemaal) achter de rug hebben is verschenen. En iedereen die er wel al over gelezen of van gehoord had, maar hem nog niet gezien heeft wil ik bij deze aanraden om hem te gaan bekijken.

De twee artistiek leiders van Toneelgroep Maastricht hebben, samen met regisseur Pieter Kuijpers een ‘video call film’ gemaakt. Ze noemen het zelf een ‘Komische thriller over het leven in quarantaine’. Je ziet de film via de Zoom-overleggen die de twee regisseurs hebben, vanaf de keukentafel of de logeerkamer. In eerste instantie zijn die overleggen heel praktisch maar hoe langer alles duurt, hoe meer de emoties oplopen. Het is allemaal super herkenbaar, niet alleen die emoties maar ook hoe iedereen weer anders op de situatie reageert. Gezien alle reacties die ik op mijn vorige stuk kreeg zal het voor heel veel andere mensen ook herkenbaar zijn. Tussen de verschillende vergaderingen door zie je beelden van een uitgestorven Maastricht. Ook mooi.

De film is te bekijken op het online platform Picl via Lumière Cinema in Maastricht. Je betaalt 8,50 en krijgt vervolgens een link toegestuurd waarmee je de film 48 uur kunt bekijken. Op je eigen bank, met je laptop op schoot. Ik vond het geweldig. Geen idee hoe ik daar over een half jaar over denk, maar hij past op dit moment precies op de situatie van nu. Ik hou erg van Toneelgroep Maastricht, dus ik sluit niet uit dat ik een klein beetje bevooroordeeld ben. Maar bekijk die film nou maar gewoon. Hij duurt een dik uur en ik beloof je dat het geen zonde van je tijd zal zijn.

Een nieuwe fase in coronatijd

Vandaag is het twee maanden geleden dat we besloten om dicht te gaan. Na een dag vol druk ge-app met collega’s en buur- directeuren (“Wat doen jullie?”) besloten we na de persconferentie van zondagavond 15 maart om de volgende dag niet open te gaan. Het hing al een beetje in de lucht, vrijdags hadden we het Boekenweekbezoek van Peter Buwalda afgezegd omdat de eigenaar van de zaal die we daarvoor gehuurd hadden met hoge koorts in bed lag en we geen risico wilden lopen. Die zondagmiddag kwamen veel leden nog snel even een stapel boeken halen (“want nou kan het nog”) en er heerste een raar soort opgewondenheid. Niet alleen in de bibliotheek, maar overal, ook op straat. Een mengeling van spanning, nieuwsgierigheid en angst. Dat bleef die eerste weken ook zo.

Als ik terug terug kijk naar de afgelopen 8 weken dan lijkt het een soort achtbaan. Maar dan wel een hele rare. Waarin de tijd stil stond en de dagen voorbij vlogen. Ik had het gevoel alsof we in een soort vacuüm in de tijd beland waren, vaak had ik geen idee wat voor dag het was. Toen na een paar weken de kerken begonnen met het luiden van klokken op woensdagavond, als de klokken van hoop, was dat niet alleen een mooi gebaar, maar ook een soort tijdsaanduiding: “Ik hoor klokken. Oh, is het vandaag alweer woensdag?”. En dat was fijn.

Ook mijn gevoel zat in een achtbaan, die schoot niet alleen van nieuwsgierigheid naar angst maar ook van berusting naar optimisme, enthousiasme en daarna weer naar apathie. Niet in chronologische volgorde overigens maar dwars door elkaar. Al moet ik eerlijk zeggen dat de nieuwsgierigheid overheerste. In het begin was het allemaal spannend en nieuw. Op social media circuleerden grapjes over handen wassen, ik heb dat plaatje met die instructie van hoe je je handen moet wassen, voorzien van de beroemdste tekst uit MacBeth (Out damned spot) op het toilet gehangen. Maar toen mijn handen schraal werden van al dat gewas, was de grap er snel af. Ik werd er ook sentimenteel van, van die lockdown. Nou huil ik sowieso snel, maar bij elk opbeurend filmpje dat voorbij kwam, of het nou zingende mensen of toeterende brandweerauto’s waren, schoot ik vol.

Heeft het nou iets opgeleverd, die hele lockdown? En dan bedoel ik niet medisch, want uiteraard heeft het op dat gebied iets opgeleverd. Daar deden we het voor. Maar op andere gebieden. Zo nam ik mezelf in die eerste week voor om een dagboek te gaan bijhouden, want dit is toch een bijzondere tijd, die moet worden vastgelegd voor de geschiedenis. En ik nam me voor om weer lekker veel te gaan lezen, want daar had ik nu tijd voor. Maar helaas, ik heb de afgelopen weken niet opvallend veel meer boeken gelezen dan daar voor. Ik heb ook geen nieuwe hobby gevonden en ik ben zelfs niet gaan klussen in huis. Ik ben meer gaan fietsen langs de Maasplassen, dat wel. Nadat de eerste schrik voorbij was las je steeds vaker dat we beter uit deze crisis zouden komen. Drie weken geleden schreef ik zelf ook nog dat ik hoopte dat het besef zou blijven hangen dat de wereld niet maakbaar is. ‘En dat er meer is dan cijfers, dat er ook nog zoiets bestaat als liefde en toewijding.’ Nu hoop ik dat nog steeds, maar ik denk dat dat veel te optimistisch was. Als ik zie hoe de hardste schreeuwers weer gelijk krijgen, hoe de kunsten worden weg gezet en hoe economische belangen weer met een noodgang voorrang krijgen denk ik dat er straks niet zo veel veranderd zal zijn.

En de branche? Ik denk dat de online bibliotheek er een hoop nieuwe leden bij heeft gekregen, gezien het aantal telefoontjes dat wij daarover kregen. De Thuisbieb was een geweldige actie. Hulde en applaus voor zowel de snelheid als de inhoud. Voor ons imago is dit helemaal geen slechte tijd geweest. Al moest ik de afgelopen weken af en toe wel denken aan de ‘dribbelige bibliothecarissen‘ van Annie M.G. Schmidt. Onze leden zijn denk ik allemaal ontzettend opgelucht dat we binnenkort weer open gaan, want iedereen snakt naar iets normaals. Ik ben benieuwd hoe teleurgesteld mensen zullen zijn als ze merken dat het nog even allesbehalve normaal is in de bieb. Op de korte termijn komen wij hier denk ik prima uit, uit deze lockdown, maar iedereen kan op zijn klompen aanvoelen dat de financiële toekomst van de bibliotheken op de langere termijn een stuk onzekerder wordt. Maar ja, dat is eigenlijk ook niks nieuws.

En dat dagboek dat ik zou gaan bijhouden? Dat is gebleven bij een voornemen. Meermaals gemaakt, dat wel.

get_footer() ?>