Tenaanval

Tenaanval

Over bibliothecarissen, bibliotheken, leesbevordering en soms over kunst

bibliotheken

All of the posts under the "bibliotheken" tag.

De (Amerikaanse) verkiezingen en de openbare bibliotheek

Een historische verkiezing was het gisteren. Speciaal voor de verkiezingsdag hebben de makers van Free for all, de film ‘in the making’ over wat de openbare bibliotheek betekent voor mensen een korte video samengesteld over de link tussen bibliotheken en democratie. Ze mailden hem gisteren naar al hun supporters op Kickstarter, “met ingehouden adem”.

Ze zullen nogal teleurgesteld zijn in de uitslag vrees ik. Zoals een heel groot deel van de Nederlanders ook teleurgesteld zijn. Laten we er maar het beste van hopen. “The forgotten men and women of our country will be forgotten no longer” zei Trump in zijn acceptance speech. Dat lijkt me toch een mooi streven. En dat past ook wel bij de openbare bibliotheek, toch?

De Librarian of Congress is een jeugdbibliothecaris

Elke bibliothecaris die zijn vakliteratuur een beetje heeft bijgehouden weet dat in de Verenigde Staten vorige week een nieuwe Librarian of Congress is ingezworen. Dat is bijzonder want het is pas de 14e Librarian of Congress sinds 1800, het jaar waarop de Library of Congress werd opgericht. Maar dit keer is het extra bijzonder want het is voor het eerst een vrouw en niet alleen dat, Carla Hayden is een zwarte vrouw.

Er is van alles te zeggen over het historisch belang van deze benoeming en over hoe erg het is dat er nu pas een vrouw is benoemd op de belangrijkste post in de Amerikaanse bibliotheekwereld. Maar het enige wat ik hier nu wil doen is dit filmpje laten zien. Het is een extraatje dat hoort bij een portret dat PBS Newshour een paar dagen geleden uitzond. Ze praat hier over het favoriete boek uit haar jeugd. Leuk. Maar wat mij aan dit beeld meteen opviel is hoe ze dat boek vasthoudt. Daaraan kun je zien dat ze dat vaker gedaan heeft, ze is duidelijk gewend om een boek te showen. Wat blijkt: ze is een jeugdbibliothecaris! Het wordt in haar officiële cv niet genoemd, maar ze noemt zichzelf in dit fragment wel zo. Dus dan is het zo.

Wat fijn: de directeur van de op een na grootste bibliotheek ter wereld is een jeugdbibliothecaris! Ze is veel meer dan dat, ze heeft een indrukwekkend cv (bibliotheekdirecteur, voorzitter van de ALA, gaf les aan de universiteit) maar toch: een jeugdbibliothecaris. Vind ik leuk.

Overigens: haar voorganger kreeg veel kritiek omdat hij veel te weinig deed om de bibliotheek te digitaliseren. Hayden zit (sinds haar benoeming) op Twitter. En dat doet ze heel aardig. 

Pokémons in de bibliotheek of juist niet?

pokemon nogo

De Pokémon GO hype is nu een kleine zes weken oud. Het is een grotere hype dan ik ooit voor mogelijk had gehouden, maar dat ligt uiteraard geheel aan mijn gebrek aan fantasie. De verhalen over invasies van Pokémonspelers zijn legio en inmiddels zijn er ook al een aantal bibliotheken op de hype ingesprongen. Leek me wel een goed idee want ik stel me zo voor dat je op die manier weer een heel nieuw publiek in je bibliotheek krijgt en dat wil toch iedereen.

Maar in de bibliotheek van het Duitse Nordenham denken ze daar heel anders over: daar hebben ze de bibliotheek tot Pokémon-vrije zone uitgeroepen, het is er verboden om Pokémons te vangen. Niet omdat ze in die bibliotheek niet van spelletjes houden of omdat ze iets tegen het digitale hebben: ze lenen er gewoon games uit. Maar directeur Jochen Dudeck vindt dat je niet zomaar, zonder er bij na te denken met deze hype moet meegaan. Hij vindt dat er een discussie nodig is over de vraag of het zomaar kan dat een commercieel bedrijf, zonder het te vragen en zonder overleg de openbare ruimte claimt en tot speelveld uitroept.

Nog even los van wat je antwoord is op die vraag vind ik het feit dat iemand daar überhaupt bij stil staat heel goed. Ik was er niet opgekomen en ik vraag me af hoeveel bibliotheken die met Pokémon GO aan de slag zijn gegaan daar wel aan hebben gedacht. Het is een interessante vraag. Op hun Facebookpagina verwoordt de bibliotheek Nordenham het zo: Wir möchten damit zur Diskussion über diesen Hype anregen! Dieses Spiel ist Beispiel für die durchgängige Kommerzialisierung des öffentlichen Raums. Wenn wir uns als “Dritter Ort” neben privaten Räumen und Verkaufsflächen begreifen, sollten wir das auch deutlich machen. “Fun” ist nicht alles! En daar hebben ze natuurlijk wel een punt. Als een bibliotheek een andere commerciële partij zou binnenhalen (als sponsor bijvoorbeeld) zou daar eerst een stevige (of minder stevige) discussie over gevoerd zijn. En als een bedrijf zonder het te vragen opeens folders zou gaan uitdelen in de bibliotheek zou daar ook een hartig woordje over gesproken worden. Dus dat je misschien even stil moet staan bij het feit dat je opeens een commerciële partij binnen haalt is zo gek nog niet.

Daarbij is er ook enige ophef rondom de privacysettings van Pokémon GO, terecht of niet, maar dat lijkt me een extra reden om even goed na te denken wat je precies wil gaan doen voordat je begint. Zeker als bibliotheek, waar we toch een zelfopgelegde opdracht hebben om mensen mediawijzer te maken en hen iets te leren over privacy op het internet. Dat geldt overigens niet alleen voor bibliotheken maar ik vraag me ook af hoe doordacht de actie van de politie is om Pokémon GO in te zetten bij het voorkomen van criminaliteit. En even voor alle duidelijkheid: ik vind niet dat bibliotheken zich niet met Pokémon GO zouden moeten bezighouden, maar ik vind wel dat ze moeten stilstaan bij de voors en tegens van het spel. Zich niet blind van enthousiasme in iets moeten storten zonder er even goed over na te denken. Maar misschien hebben al die bibliotheken met een Pokémon Stop dat ook wel gedaan voordat ze begonnen. Dat kan natuurlijk.

In Duitsland krijgt de bibliotheek van Nordenham weinig bijval, hun Facebookpagina staat vol reacties van mensen die het onzin vinden. Zo te zien roeren zich daar vooral veel vakgenoten. Van enige discussie is nauwelijks sprake want er wordt stevig uitgehaald: discriminatie van de gamerscultuur, het zijn technofoben, ze zijn ouderwets, het is betuttelend, het bevestigt het cliché van de bibliotheek als stoffige boekenruimte en nog zo wat kreten. Al is er ook wel bijval, maar dan vooral van mensen die van stilte in de bibliotheek houden. Er is in elk geval één blogger die het voor de bibliotheek opneemt en positie kiest in dit hele verhaal met een uitgebreid stuk waarin hij niet schroomt om namen te noemen en waar dan ook weer op gereageerd wordt.

Zo te zien bestaat er in Duitsland een levendige discussiecultuur in de bibliotheekbranche. Mooi. Heel anders dan bij ons waar toch vooral in de wandelgangen wordt gediscussieerd. En waar een discussie in het openbaar al snel gesmoord wordt met sussende woorden “uit het land”. Jammer. Want je ziet hier dat een stevige discussie echt iets op kan leveren. Als het tenminste op een nette manier gebeurd. Wat hier niet echt het geval lijkt te zijn: Ducek heeft in elk geval over een Shitstorm en over eigenartiger Aggressivität. Dat is natuurlijk ook weer niet de bedoeling. Maar een inhoudelijke discussie op zijn tijd lijkt mij heel nuttig. Zou willen dat zoiets in Nederland ook kon.

Een principiële discussie of liever iets gezelligs

Afgelopen weekend viel ik op Twitter midden in een discussie over de branche. Blijkbaar hadden collega’s het daar met elkaar gehad over een paar verbeterpunten van de landelijke ebooks collectie, een gesprek dat niet goed viel bij een aantal mensen. Want openlijk kritiek leveren is “niet slim” en “medewerkers van Nike zeggen ook niet dat hun shirtjes slecht zijn”. Over die opmerkingen valt zoveel te zeggen dat mijn hoofd bijna uit elkaar spatte van frustratie maar ik kwam net terug van vakantie en ik moest nog wasjes draaien en de plantjes op mijn balkon hadden dringend behoefte aan water en lieve woordjes dus liet ik het er maar even bij zitten. Maar ik nam me voor om een stuk te gaan schrijven over hoe dit het zoveelste bewijs was van de arrogantie van sommige medewerkers van landelijke en provinciale organisaties en van hoe slecht ze daar snappen hoe de verhoudingen horen te liggen. Dat “het land” niet bepaalt maar de regio en dat “het land” eens moet ophouden met denken dat zij iedereen kunnen voorschrijven hoe het moet. En dat ze daar vooral eens moeten ophouden met alles achter slotjes te stoppen want dat slotjes het gesprek ernstig beperken. En dat slotjes sowieso niet passen bij een branche die als kernfunctie het delen van informatie heeft.

Inmiddels ben ik alweer bijna een week terug. De planten leven weer min of meer en de wasmand is weer vol met nieuwe was. En dat stuk? Ach ja, hoeveel zin heeft dat eigenlijk? Ik heb er vaker over geschreven en dan kreeg ik reacties van nou net die mensen die het wel snappen maar die zich toch aangesproken voelen. De mensen die ik zou willen bereiken lezen het niet, of trekken zich er niks van aan, vol als ze zijn van hun eigen gelijk. Trouwens: het is vakantie, wie zit er te wachten op zo’n principiële discussie? Daarom deel ik hier liever een mooi filmpje. Eentje waar je wel vrolijk van wordt.

Acteur Ian McKellen leest twee brieven voor die Roald Dahl in 1967 schreef aan Elizabeth, een meisje dat haar favoriete auteur had geschreven dat ze zo moeilijk kon wennen op haar nieuwe school. En laat het maar aan Dahl over om zo’n meisje op te beuren.

McKellen las die brieven overigens voor tijdens Letters Live een schrijversfestival en A celebration of the enduring power of literary correspondence. Word ik ook vrolijk van, van het feit dat iemand zoiets verzint.

Een kijkje in andermans keuken

tot hier

Afgelopen maandag was ik op een bijeenkomst, georganiseerd door Cubiss, met als titel “Aan de slag! met internationalisering”. Een interessante middag, al had ik gedacht dat het zou gaan over internationalisering in het algemeen. Ik was wel benieuwd of ik nog nuttige tips zou krijgen over hoe ik het beste de samenwerking kan zoeken met mijn Duitse buren. Maar eigenlijk ging de middag over hoe nuttig het is om op excursie naar het buitenland te gaan en over hoe je daar een subsidie voor kunt aanvragen bij Erasmus. Oneerbiedig samengevat dan.

En ja natuurlijk is het nuttig om buitenlandse voorbeelden te gaan bekijken. Het is altíjd nuttig om af en toe eens verder te kijken dan je eigen neus lang is. Maar stiekem denk ik soms ook dat zo’n reisje ter inspiratie vooral een leuk reisje is. Daar is helemaal niks mis mee en je steekt er toch altijd iets van op, van zo’n reisje, al is het maar van de verhalen uit de bus. Maar zoals iemand tijdens de bijeenkomst opmerkte: waarom moet dat altijd naar het buitenland? Er is in Nederland toch ook van alles te zien? Alleen weten we niet precies wie wat doet. Ja, de spectaculaire, prijswinnende nieuwe gebouwen, die kennen we allemaal wel en daar gaat iedereen zo voor en zo na wel naar toe. Maar moeten we echt naar het buitenland om te zien hoe een taalcafé werkt? Of wat een fablab is? Die hebben we hier ook, alleen zijn die misschien niet zo gemakkelijk te vinden. Nou ja, voor een Fablab bel je natuurlijk gewoon even naar Friesland. Maar weet jij precies waar je buren mee bezig zijn? Of de buren van je buren? Want daar is ook vast een heleboel inspiratie te halen. Maar op ander gebied misschien.

Een voordeel van kijken bij de buren is dat je bij zo’n excursie al je collega’s kunt meenemen. Want zo’n buitenlands reisje is toch meestal alleen weggelegd voor leidinggevenden. Ja, toen ik in Londen de Idea stores ging bekijken had ik ook geen collega’s bij me. Terwijl dat toch vaak heel leerzaam is: met zijn allen ergens naar toe. Ik herinner me de uitstapjes toen we (jaáááren geleden) in de Bollenstreek overstapten op selfservice. Om iedereen daar op voor te bereiden moesten alle collega’s uit de frontoffice verplicht mee op excursie naar een van de bibliotheken in de omgeving om te zien hoe de zelfbediening daar werkte en om van andere collega’s te horen hoe het beviel. Dat was heel geruststellend en heel leerzaam. Maar wat opviel was dat veel collega’s met verhalen over andere zaken terugkwamen: hoe in bibliotheek X de gereserveerde boeken op zo’n onhandige plek stonden, hoe slim dat ene bordje bij de balie van bibliotheek Y was en dat we nooit, nee echt nooit die lelijke bedrijfskleding van bibliotheek Z zouden willen dragen. En we sleepten stapels folders mee als voorbeeld van hoe wij het ook wilden in de toekomst.

Reisjes naar het buitenland zijn leuk en als ze goed georganiseerd worden (zoals de Roguesreisjes bijvoorbeeld) kom je ook echt met nieuwe inzichten thuis. Dat soort excursies zijn belangrijk als het gaat over de grote lijnen en de lange termijn want dan is het goed om alles weer eens van een afstandje te bekijken. Maar om geïnspireerd te worden hoef je echt niet naar het buitenland. En het is voor iedereen nuttig om eens bij iemand anders in de keuken te kijken, dat hoeft helemaal niet ingewikkeld te zijn. Het enige probleem is dat je niet alle interessante ontwikkelingen weet te vinden in het land. Als je een hele gerichte vraag hebt (wie heeft ervaring met..) volstaat een rondje bellen of een oproepje op Biebtobieb meestal wel maar als je niet weet dat iets bestaat kun je er ook niet naar vragen. Wist je bijvoorbeeld dat er in Nederland ook een bibliotheek is met een voorleeshond? Ik bedoel maar. Er zou een soort uitzendbureau moeten zijn waar ze dit soort leuke dingetjes wel weten. Waar ze je niet alleen precies kunnen vertellen welke bibliotheek dat is met die hond, maar ook waar de dichtstbijzijnde bibliotheek is met voorleesvrijwilligers of waar ze ook aan het worstelen zijn met een nieuwe meerjarenvisie. Handig lijkt me dat. Dat zou volgens mij een mooie impuls geven aan netwerkvorming en kennisdeling.

Dat we niet per se naar het buitenland hoeven voor inspiratie bewijst De Queeste, een reis die Brabantse bibliotheekdirecteuren dit najaar gaan maken. Hun motto is: de toekomst van de bibliotheek in Nederland ligt in je achtertuin. En zo is het maar net.

Overigens is deze foto hierboven de ene helft van een kunstwerk aan de Lek. De andere helft (aan de overkant) is er nooit gekomen. Welk verhaal daar bij hoort lees je hier.

De bibliothecaris en de ondernemer

optimism

De laatste tijd hoor je er gelukkig wat minder over, over de bibliotheekmedewerker als cultureel ondernemer, de hype is weer een beetje over. Maar af en toe popt het toch weer op. Het klinkt ook wel lekker: cultureel ondernemer. Klinkt toch net wat flitsender dan bibliothecaris. En ach, als de bibliotheek daarmee bedoelt dat ze meer gaat doen dan alleen boeken uitlenen, dat ze er op uit moet en actief haar publiek moet gaan opzoeken dan is dat uiteraard alleen maar toe te juichen.

Volgens Wikipedia is een cultureel ondernemer: een producent van kunst die hiervoor zo veel mogelijk betalend publiek probeert te interesseren en tegelijkertijd streeft naar een sluitende exploitatie van zijn ‘onderneming’. Ik vind het eerlijk gezegd een beetje een vreemde definitie want dit suggereert dat er ook producenten van kunst zijn die het geen biet interesseert of de exploitatierekening van hun onderneming sluitend is of niet. En dat is natuurlijk niet zo, uiteindelijk komt toch overal de belastingdienst langs en moet er overal geld in het laatje komen. Maar de bedoeling is duidelijk: de cultureel ondernemer wordt hier gezet tegenover de eenzame kunstenaar op een zolderkamertje die alleen maar met kunst bezig wil zijn en zich te verheven voelt om aan geld te denken. Zo’n soort kunstenaar bestaat al lang niet meer, maar het beeld is duidelijk.

De Rijksoverheid stimuleert cultureel ondernemerschap, het is zelfs een van de speerpunten van het huidige cultuurbeleid. De Rijksoverheid bedoelt met ondernemerschap dat culturele instellingen zelf op zoek moeten gaan naar andere financieringsmogelijkheden, naast reguliere subsidies. Ze denken daarbij aan bijdragen van particuliere fondsen, sponsors en mecenassen. Er is een speciaal programma om instellingen te leren hoe dat moet, dat fondsenwerven. Kun je niet tegen zijn lijkt me.

Maar soms gaat het mis en neemt een manager van een culturele instelling de uitdrukking letterlijk. Dan gaat hij (of zij) zich gedragen alsof zijn organisatie een commercieel bedrijf is en gaat technieken en methodes uit het bedrijfsleven invoeren. Omdat hij een boek gelezen heeft, een cursus heeft gedaan of is opgejut door vriendjes die in het grote geld zitten. En dat gaat wringen. Want sommige theorieën zijn misschien universeel maar een culturele instelling is geen commercieel bedrijf en kun je dus ook niet als zodanig runnen. Het doel van een bibliotheek is immers niet om geld te verdienen dus alle energie die je in commercie stopt leidt af van de kerndoelen. De directeur van het Wereldmuseum probeerde het (op verzoek van de gemeente Rotterdam) maar dat ging faliekant verkeerd, het museum ging bijna failliet.

Voor alle duidelijkheid: ik heb helemaal niks tegen bibliotheken die proberen om extra inkomsten te creëren. Dat is alleen maar te prijzen. Maar ik word altijd een beetje kriegel als bibliothecarissen zichzelf cultureel ondernemer noemen. Aanstellerij. Wij zíjn geen ondernemers al hebben we soms met grote sommen geld te maken. Ondernemen doe je met je eigen geld, of in elk geval voor eigen risico, niet met gemeenschapsgeld. Joop van den Ende, dát is een cultureel ondernemer: die gebruikt zijn eigen verdiende geld om kunst te produceren, om te maken wat hij interessant vindt. Als zijn producties een succes zijn is de winst voor hem en als het geen succes is, het verlies ook. Als een bibliotheek winst zou maken (of waarschijnlijker, als ze geld overhoudt) dan moet dat terug naar de gemeente. Misschien niet meteen maar uiteindelijk zal de gemeente het als argument gebruiken om te bezuinigen op de bibliotheek. En als de bibliotheek verlies maakt zal de gemeente er voor zorgen dat de bibliotheek niet omvalt. In het ideale geval althans.

Het is zo makkelijk gezegd: “de bibliotheek moet cultureel ondernemer worden”, vooral door politici die eigenlijk geen idee hebben. Die de bibliotheek alleen maar zien als subsidieslurper. Op deze manier proberen ze op een makkelijke manier de verantwoordelijkheid af te schuiven: “gaan jullie je eigen geld maar verdienen, dan zijn wij er van af”. Gelukkig zijn er steeds meer gemeentes die inzien dat een bibliotheek een maatschappelijke functie heeft. Dat het geen bedrijf is en dus ook niet cultureel kan ondernemen. En de politici die dat niet inzien moeten we overtuigen in plaats van mee te gaan in hun waanbeeld. Want dat is het: een waanbeeld.

Sollicitatietips: wat je zeker niet moet doen

brievenbus

In het kader van “de boel opruimen voordat ik ga verhuizen” deel ik hier graag wat aantekeningen die ik het afgelopen anderhalf jaar gemaakt heb tijdens het lezen van sollicitatiebrieven bij verschillende sollicitatieprocedures. Soms las ik een brief waarover ik me nogal verbaasde maar dan las ik een uur later iets vergelijkbaars dus blijkbaar was dat voor sommige mensen veel minder raar. Van een hele middag sollicitatiebrieven lezen word je een beetje melig dus ik ben op een gegeven moment bizarre dingen gaan opschrijven. Dit is een selectie uit die aantekeningen.

Voor alle duidelijkheid: het gaat hierbij om vacatures op HBO-niveau, daarom vind ik dat bepaalde eisen vanzelfsprekend zijn.  En deze tips gelden natuurlijk niet voor jullie: want jullie zouden dit nooit doen.

  • Zorg voor je eigen e-mailadres. Het is heel verwarrend om een mail te krijgen van FransSmit@hetnet.nl die afkomstig blijkt te zijn van Hetty de Vries. Heel irritant als je de mail van Hetty de Vries probeert terug te vinden tussen die meer dan 60 reacties in de mailbox. Iets minder irritant maar wel tamelijk onprofessioneel is een mail vanaf een mailadres als FransenHetty@hetnet.nl. Hoe eenvoudig is het om een mailadres voor jezelf aan te maken? Al gebruik je die alleen maar voor je sollicitaties. Het zegt bovendien iets over je mediawijsheid als je geen eigen emailadres hebt. Dat past niet zo goed in het beeld van de mediawijze medewerker van de bibliotheek. (Je staat er van te kijken hoe vaak dit voorkomt)
  • Richt de brief aan mij, want het staat in de advertentie dat je dat moet doen. Dus richt hem niet aan de directeur en zet er ook niet Geachte mevrouw, meneer boven maar richt hem gewoon aan mevrouw Deckers.
  • Schrijf mijn naam goed: zo moeilijk is die nou ook weer niet.
  • Als je tekst kopieert uit een ander bestand, zorg dan dat het lettertype en de vormgeving is aangepast. Ik snap best dat je niet iedere keer alles weer opnieuw verzint, maar dat hoeft toch niet zo op te vallen?
  • Schrijf de naam van de functie waarop je solliciteert correct. Als ik een projectleider zoek moet je het niet projectmanager noemen en een bibliothecaris-specialist is geen educatie-specialist. Dat klinkt misschien een beetje spijkers-op-laag-water, maar wat mij betreft is dat een kwestie van zorgvuldigheid. Weet je eigenlijk wel waar je op solliciteert? Hoe goed voorbereid ben je als je zoiets essentieels verkeerd doet?
  • Sollicitanten die een ontvangstbevestiging vragen in hun brief vind ik wantrouwend. En mensen die na één dag gaan bellen omdat ze zo’n ontvangstbevestiging ondanks hun vraag nog steeds niet gekregen hebben en dat vervolgens op hoge toon gaan eisen beginnen met een achterstand. Voor alle duidelijkheid: ik begrijp best dat je zeker wil weten dat je sollicitatie is aangekomen en wij versturen ook wel bevestigingen, het duurt soms alleen een paar dagen voordat we daar tijd voor hebben. Dus als je ons gaat opjagen komt dat niet erg sympathiek over.
  • Een mailtje van één zin met alleen een CV neem ik niet serieus. Ik weet dat er mensen zijn die alleen naar een CV kijken, maar ik ben niet zo iemand. Ik wil ook een brief en een motivatie. Jij kunt niet weten of ik zo iemand ben die alleen naar CV’s kijkt, dus neem dat risico maar liever niet.
  • Fijn om te lezen dat je het als kind heerlijk vond om weg te kruipen in een hoekje en helemaal kon verdwijnen in een boek en ook heel goed dat je nu vaak met je kind naar de bibliotheek komt om boekjes uit te zoeken. Maar dat bedoel ik niet als ik zeg dat ik iemand zoek met kennis van de openbare bibliotheek. Doe dat trouwens sowieso maar niet: boekjes zeggen tegen een bibliothecaris. Behalve als het over peuterspeelzalen gaat misschien.
  • Als je mij persoonlijk kent mag je me bij mijn voornaam noemen en me in de rest van je brief tutoyeren. Anders niet. En met persoonlijk kennen bedoel ik dat we bij elkaar in de klas hebben gezeten, of collega’s zijn geweest. Dit is een officiële brief en daar gaan we niet te populair doen. Overigens zijn het meestal marketing of salesmensen die dat doen, bibliothecarissen zijn niet zo popie.
  • Zorg voor een relevant CV. Ik begrijp dat je heel trots bent dat je vertaler geweest bent voor de Dalai Lama, maar daar hebben we in de bibliotheek niet zoveel aan. De naam van je lagere school hoef je daarentegen niet te noemen, ik geloof wel dat je die gehad hebt. Een uitgebreide opsomming van alle opnames waaraan je hebt meegedaan als achtergrondzangeres, inclusief de naam van de producer, is niet nodig. In dit geval was het zelfs een beetje verwarrend omdat een tv-opname als backing-vocal bij Bonnie St.Claire in hetzelfde rijtje stond als de ervaring als locatiemanager van een zorgcentrum.
  • Verstuur je sollicitatie niet vanaf het mailadres van je huidige werkgever. (duh..)
  • Lieg niet. “Afgelopen week heb ik telefonisch contact met u gehad” Echt niet! Als een man had gebeld om informatie te vragen over deze functie had ik dat echt wel onthouden.

Lekker makkelijk om te zeggen wat allemaal niet moet. Maar hoe moet het dan wel? Naast alle standaard dingen die gelden voor sollicitaties heb ik eigenlijk maar één tip: probeer je in mijn positie te verplaatsen. Ik ken jou niet en ik kan geen gedachten lezen dus leg uit waarom jij deze baan wil hebben en waarom ik jou moet aannemen. Zo simpel is het eigenlijk.

De vijf wetten van de bibliotheekwetenschap

Het zou kunnen dat de Vijf Wetten van de Bibliotheekwetenschap ooit ter sprake zijn gekomen tijdens mijn opleiding aan de bibliotheekacademie, ik sluit niks uit, maar dat heeft dan geen enkele indruk gemaakt want ik herinner me er niks van. En na de opleiding zijn die wetten bij mijn weten ook nooit ter sprake gekomen in cursussen of in beleidsstukken. Dus volgens mij zijn ze in Nederland niet erg bekend. En dat is jammer, want in de rest van de wereld is dit rijtje een klassieker onder bibliothecarissen. Die vijf wetten zijn:

  1. Books are for use.
  2. Every reader his / her book.
  3. Every book its reader.
  4. Save the time of the reader.
  5. The library is a growing organism.

OK, niks wereldschokkends zo op het eerste gezicht. Maar deze wetten zijn dan ook al geformuleerd in 1931, door dr. S.R. Ranganathan, een bibliothecaris uit India, hij was de grondlegger van de bibliotheekwetenschap. Vooral voor onze Amerikaanse collega’s is dit zo’n beetje de basis voor al hun werk, ze formuleren er regelmatig nieuwe variaties op. Deze infographic is gemaakt door de afdeling Library Science van de University of Southern California voor iedereen die de grondslagen van het vak nog eens wil teruglezen. Jammer hoor, dat wij zo’n theoretische grondslag missen.

Overigens ken ik wel de 10 rechten van de lezer, maar dat is weer heel iets anders.

“Free for all”, een film over bibliotheken

Mocht je in deze donkere dagen voor Kerstmis nog op zoek zijn naar een goed doel om je jaarlijkse goede-doelen-gift aan te doen dan heb ik hier nog een suggestie: draag financieel bij aan een documentaire over het belang van openbare bibliotheken. In de Verenigde Staten, dat dan weer wel.

Free for ALL : inside the Public Library is een film over wat de bibliotheek betekent voor mensen en voor gemeenschappen. All across America, the public library is the only civic institution where the doors are open to all, attendance is entirely voluntary, and everything is free. De makers reizen het hele land door om bibliotheken te filmen, mensen te interviewen en archiefmateriaal te verzamelen. Het opzetten van de film financierden ze via Kickstarter, maar ze hebben nog steeds geld nodig dus je maakt ze heel blij met een donatie.

Via Facebook kun je hun tocht door Amerika volgen, op hun pagina delen ze foto’s van opnames en houden ze ons op de hoogte van de stand van zaken. Ze zijn bijna klaar met filmen, binnenkort beginnen ze met de montage. Op hun Youtube kanaal staat alvast een aantal fragmenten uit interviews, in kan niet wachten op de rest van de film. Ze liggen nog steeds op schema, de bedoeling is dat hij in de zomer van 2016 uitkomt. Nu nog hopen dat we hem ook in Nederland te zien krijgen. Maar tegen die tijd kan de KB daar vast wel iets in betekenen. Of de VOB. Eerst maar eens zorgen dat die film af komt.

Gelukkig, er is nu ook een roomspray

byredo

Schreef ik vorig jaar al over de geurkaars die Bibliothèque heette, nu is er ook een roomspray met een bibliotheekgeur van hetzelfde merk. Dat is natuurlijk veel beter, want een kaars en bibliotheken zijn van oudsher geen goede combinatie.

Blijkbaar is de kaars-met-bibliotheeklucht een van de favorieten in de collectie geurkaarsen, reden genoeg om er ook een roomspray van te maken. Leuke cadeautip voor iemand? De Sinterklaas red je niet meer, maar voor de kerst lukt het vast nog wel.

Je moet alleen wel voldoende gespaard hebben: een fles kost 95 dollar. Als je het via hun Amerikaanse website koopt althans. Of 650 Zweedse kronen als je het via de originele Zweedse website koopt, Byredo is een Zweeds merk. Dat is zo’n 70 euro.

Voor wie zich afvraagt hoe het ruikt: het lijkt me nogal zoetig want het is gebaseerd op perziken en pruimen, viooltjes, pioenrozen, vanille en patchouli. Met een vleugje leer.  Byredo oprichter Ben Gorham is een nogal opvallend karakter in de parfumwereld, hij maakt niet zozeer geuren, maar hij wil ‘herinneringen vertalen in geur’. Dus ik ga er van uit dat hij goede herinneringen heeft aan bibliotheken. Maar ja, wie niet?

get_footer() ?>