Tenaanval

Tenaanval

Over bibliothecarissen, bibliotheken, leesbevordering en soms over kunst

bibliothecaris

All of the posts under the "bibliothecaris" tag.

Dag Rob,

rob2Twee weken geleden spraken we elkaar nog, op het feest van de Bibliotheektweedaagse in Middelburg. Over de reunie die we wilden gaan organiseren van ons Nieuw Elan-klasje. “Ja goed idee! Het kan wel bij mij, in het zaaltje. Ruimte genoeg. Maar als jullie het ergens anders gaan organiseren is dat ook prima hoor. Laat maar weten, ik kom. Leuk!”

Het Bibliotheekblad noemt je een aimabel persoon en respecteert je gedegen vakmanschap. En daar heeft het Bibliotheekblad gelijk in. Maar voor mij blijf je vooral de man die zijn eigen gang ging. Die in de gaten hield wat er om hem heen gebeurde maar daar zeer kritisch naar bleef kijken. Die zeker niet met iedere trend mee liep. “Ach, dat is allemaal flauwekul joh.”

Dwars is het verkeerde woord, want daarvoor was je veel te aardig. Maar eigenwijs was je zeker. Als filmfanaat regelde je je eigen filmcollectie en toen de bioscoop in Wassenaar gesloten werd zorgde je er voor dat er in je nieuwe bibliotheek een filmhuis kwam. Een van de redenen waarom je bibliotheek in 2010 werd uitgeroepen tot beste bibliotheek van Nederland. Waar je toen oprecht verrast door was.

Die nuchterheid en jouw kritische blik moeten we nu missen.

Dag Rob.

Bibliotheekparafernalia

Gebruikte boekkaartjes. Te koop in pakjes van 15 voor $3,-. Van een creatieve bibliothecaresse die bibliotheekparafernalia ombouwt tot ringen en hangertjes met een “vintage-feel” en die verkoopt via Etsy. En ook gebruikte boekkaartjes dus. Haar zaak loopt goed want ze heeft inmiddels ontslag genomen om zich volledig op haar webshop te kunnen richten.

Op Etsy is het blijkbaar echt handel, er zijn diverse soorten ongebruikte kaartjes te koop: a fun way to make unique and clever cards, invitations, tags and more.

Lege boekkaartjes zijn in Nederland trouwens nog gewoon te koop via NBDBiblion (28,95 voor 1.000 stuks). Voor de liefhebbers.

Ik weet eigenlijk niet zo goed of dit nou grappig is of gewoon tuttig. Maar opvallend is het wel.

Zo ziet een bibliothecaris er uit

Had je niet gedacht he? Een bibliothecaris die buikdanst en met vuur zwaait als ze niet in een openbare bibliotheek werkt…

Op het blog This is what a librarian looks like  presenteren een paar honderd bibliothecarissen zichzelf, onder het motto Challenging the librarian stereotype one post at a time. Ze hebben een foto van zichzelf opgeladen met daarbij een kort tekstje. Korte tekst of lang, grappige foto of heel serieus, oude bibliothecaris of jong, het is een heel gevarieerde verzameling. Bibliothecarissen te midden van hun boeken, met hun hobby, in hun bruidsjurk of onder water.

Grappig wel. Wat precies de bedoeling er van is begrijp is niet zo goed: laten zien dat bibliothecarissen ook maar gewone mensen zijn? Maar leuk is het wel.

Dit is mijn favoriet. (vanwege die nummerplaat he…)

Bibliotheekhumor

Een liedje van de Groningse band De Bende van Baflo Bill waar iemand anders een filmpje bij gemaakt heeft. De twee staan los van elkaar, het liedje dateert uit 1991 en het filmpje uit juni 2011.

De volledige tekst van het liedje vind je hier, voor als je wil meezingen. Het is al twintig jaar oud, dat verklaart de volledig achterhaalde tekst natuurlijk 😉

De kracht van de bibliothecaris, #blogkermis

 “Wat is de kracht van een bibliothecaris?” is de vraag van de nieuwe blogkermis die is opgezet door Storiesguy. Ik werd er door een aantal mensen op geattendeerd, met het blogmotto Vindt dat bibliothecarissen veel te weinig voor zichzelf en hun eigen vak opkomen vraag ik daar waarschijnlijk ook om.

Volgens mij is de kracht van de bibliothecaris, de bibliothecaris zelf. Zijn kennis en zijn persoonlijkheid. Een bibliotheek bestaat niet zonder bibliothecaris, zelfs een onbemande bibliotheek heeft een bibliothecaris nodig want iemand moet toch zorgen dat die collectie er komt.

Een bibliothecaris moet in twee dingen goed zijn: hij moet sociaal handig zijn en hij moet zijn collectie goed kennen. Met sociaal handig bedoel ik niet alleen dat je veel mensenkennis moet hebben, je moet immers in een heel kort gesprekje snel kunnen inschatten wat het niveau van de vraagsteller is, maar je moet je ook in hem kunnen verplaatsen zodat je een antwoord geeft dat aansluit bij dat niveau. Bij een inloopochtend over ereaders en iPads benader je de oude dame die een iPad heeft gekregen van haar kinderen anders dan die oudere jongere die zich aan het oriënteren is op ereaders voor op vakantie en een dyslectisch kind dat zuchtend om een “leuk boek” vraagt krijgt een ander antwoord dan een fanatiek lezertje.

Je collectie goed kennen ligt voor de hand. Daarmee bedoel ik niet alleen dat je weet wat je zelf aan collectie hebt staan, maar ook (juist) wat er NIET staat. En dat je weet hoe je daar aan kunt komen. Niet alleen aan boeken (op papier of digitaal) maar aan alle vormen van informatie. En dat je niet alleen weet dat je het hebt, maar dat je er ook mee om kunt gaan. Het dyslectische ADHD jongetje krijgt een ander boek mee dan een dyslectisch paardenmeisje.

De bijdrages op de Blogkermis komen tot nu volgens mij niet uit de openbare bibliotheekwereld, als je in een universiteitsbibliotheek werkt zijn je bezoekers veel minder divers en kun je sneller inschatten wat voor niveau de vraagsteller heeft maar ook dan moet je sociaal handig zijn lijkt me.

Een onmisbare eigenschap voor elke bibliothecaris is nieuwsgierigheid. Je moet nieuwsgierig zijn naar wat de vraagsteller drijft en je moet nieuwsgierig zijn naar wat er om je heen gebeurd. Je moet een open oog hebben voor ontwikkelingen in de maatschappij (op ieder vlak) zodat je daar in je collectie en in je werk rekening mee kunt houden.

Met de vraag “is iedereen zijn eigen bibliothecaris” die ik ook voorbij zag komen kan ik niet zoveel. Ik denk dat mensen net zozeer hun eigen bibliothecaris zijn als hun eigen dokter. Je probeert ‘ns wat en als je er zelf niet uit komt ga je naar het spreekuur. Dat is niet specifiek beroepsgebonden.

Ter afsluiting voor degenen die Conan the librarian niet kennen: ’t is een klassieker…

Stem op Karen!

  De genomineerden waren al langer bekend en nu is de stembus van het prijzenfestival van Bibliotheekblad eindelijk geopend: we kunnen stemmen voor de persoonlijkheidsprijs. Sorry Jan en Marc, maar voor deze prijs komt wat mij betreft toch echt maar één persoon in aanmerking en dat is Karen Bertrams. Omdat Karen in een heleboel dingen goed is, behalve in reclame maken voor zichzelf doe ik dat nu maar even voor haar.

Want als iemand een persoonlijkheidsprijs verdient is het Karen wel. Ze is een echte persoonlijkheid: flamboyant en uitgesproken, als zij ergens binnenkomt wordt ze niet snel over het hoofd gezien. Niet alleen omdat ze zo groot is en zich altijd vrolijk en opvallend kleedt maar ook omdat ze onbevangen en met veel humor haar mening over zaken geeft.

Op de site van Bibliotheekblad schetst Wendy de Graaf al een mooi beeld van Karen en haar werkzaamheden. Wat in dat overzicht echter ontbreekt is haar internationale  ambassadeursrol. Niet alleen in Bologna, maar ook tijdens de talloze lezingen die ze in het buitenland geeft over het Nederlandse bibliotheekwerk. Hier zie je haar bijvoorbeeld in actie tijdens een symposium van het Goethe Instituut in Rome vorig jaar en dit voorjaar zat ze in Dublin. Daar vonden ze haar verfrissend en waren ze onder de indruk van haar ‘can-do’ attitude for libraries. Niet alleen in het buitenland maar ook in Nederland enthousiasmeert ze buitenlandse bezoekers, zoals hier in Heerhugowaard.

Karen denkt niet “out of the box” want ze heeft nooit in een box gezeten. Ze is de motor achter tientallen vernieuwende bibliotheek-projecten, inspiratiebron voor honderden jeugdbibliothecarissen  en onvermoeibaar promotor van het kinderboek. Ze maakt filmpjes zoals dit met jongens die reclame maken voor de bibliotheek IJmond Noord of dit onvergetelijke interview met Tobias.

Ze heeft 100 ideeën per minuut, is onorthodox, heeft een groot hart en ze is ook nog eens ontzettend aardig. Dus daarom heeft ze die persoonlijkheidsprijs meer dan verdiend. Ik stel voor dat iedereen die ooit geïnspireerd of geamuseerd is door een workshop van haar op haar stemt. En iedereen die ooit een programma voor het onderwijs van haar heeft uitgevoerd. Dat zijn dan bijna alle jeugdbibliothecarissen van Nederland want de ProBiblio programma’s worden in het hele land gebruikt.

Als al die mensen even hier stemmen kan haar die prijs niet meer ontgaan lijkt me.

“The Librarian Militant, The Librarian Triumphant”, een lezing

The Librarian Militant, The Librarian Triumphant from R. David Lankes on Vimeo.

Een lezing die David Lankes vorig jaar in Canada gaf op een symposium over de toekomst van de bibliotheek.

Dit is een verhaal waar ik heel erg vrolijk van wordt en niet alleen omdat Lankes veel humor heeft. Zijn belangrijkste punt is dat de bibliotheek bestaat bij de gratie van de bibliothecaris: “What do you call a room stuffed with books? It’s a closet! What do you call an empty room with a librarian? It’s a library! They named the building after us!”

Over hoe bibliothecarissen de samenleving kunnen verbeteren: The mission of librarians is to improve society trough facilitating knowledge creation in their communities. Dat is ook de strekking van zijn The Atlas of New Librarianship. De titel van de lezing verwijst naar een uitspraak van Dewey: The librarian must be the librarian militant before he can be the librarian triumphant. Dat militante he, dat spreekt mij natuurlijk aan ;-).

Dit is een audioweergave met slides van de lezing. Het duurt een uur maar dat is zeer de moeite waard: enthousiast verhaal, losjes vertelt en inspirerend. Als je geen uur de tijd hebt, luister dan alleen het eerste kwartiertje of zo om een idee te krijgen van de strekking.

Aan zijn blog te zien heeft hij deze lezing vaker gegeven, misschien een ideetje voor de volgende  Bibliotheektweedaagse?

Waar ik bibliothecaris werd

Gisteravond ben ik uit eten geweest met een aantal ex-collega’s. Ik ben al bijna 11 jaar weg uit de bibliotheek waar we ooit samen werkten maar het blijft leuk om die collega’s weer eens te spreken. Inmiddels werkt bijna iedereen ergens anders (of is gepensioneerd, het is een zeer gemêleerd groepje) maar dat gezamenlijke verleden verbindt ons.

Toen ik naar huis fietste realiseerde ik me opeens waarom die bibliotheek  zo belangrijk is geweest voor me: dáár ben ik een bibliothecaris geworden. Een echte. Toen ik daar begon met werken (eerst als invaller) had ik een bibliotheekdiploma en een paar jaar ervaring op de PBC Noord-Brabant maar wist ik eigenlijk nog niet zo veel over het vak. Ik kon titelbeschrijven en sorteren en ik wist van alles over de geschiedenis van jeugdliteratuur en over documentaire informatie maar de eerste keer dat een oudere meneer mij vroeg “of ik even wilde helpen met het zoeken van een aardig leesboek” had ik daar weinig aan. Met een greep op goed geluk en een beetje hulp van een collega ging die meneer redelijk tevreden de deur uit maar ik realiseerde me dat ik nog veel moest leren.

En dat is ook gebeurd. Van de bevlogen en ervaren bibliothecarissen die daar werkten heb ik in de praktijk het vak echt geleerd. Ze wisten veel en waren streng, vooral als het ging om omgaan met het publiek. Een van de vaste stelregels was: een klant mag nooit met lege handen de deur uit. Al stuur je hem maar weg met een telefoonnummer van een instantie waar ze het antwoord wel weten of met een kopietje uit een encyclopedie (ik heb het over de prehistorie, het internet bestond toen nog maar net…). Het was volstrekt normaal dat er met alle scholen in de gemeente intensief contact was en dat er een groot educatief aanbod was. De scholen voor het speciaal onderwijs kwamen zelfs elke zes weken naar de bibliotheek “want die kinderen hebben dat steuntje in de rug extra hard nodig”. Kinderboekenweekfeesten, Kinderjury, Voorleeswedstrijden, you name it en we deden mee. Uiteraard. Samen met de Schouwburg (voor de centrale) of het buurthuis (voor de filialen), net hoe het uitkwam. Wij vonden de bibliotheek belangrijk en we vonden het werk dat we deden belangrijk en daar was onze omgeving het mee eens. En dat vonden we volstrekt normaal.

Pas toen ik bij ProBiblio ging werken en zag hoe het er in andere bibliotheken aan toe ging kreeg ik door dat lang niet iedereen dat zo normaal vond. Dat het op een aantal plekken heel anders ging. Omdat daar minder geld was en een andere infrastructuur maar vooral omdat daar andere mensen werkten met andere opvattingen over hoe je je als bibliotheek dient op te stellen. Die veel afwachtender waren en veel passiever. Die ook veel minder lol in hun werk hadden. Want wij hadden erg veel plezier in wat we deden (meestal dan).

Ik heb er 9 jaar gewerkt, maar het waren vormende jaren. Dáár ben ik bibliothecaris geworden. Een echte. Een goeie. Al zeg ik het zelf.

Overigens komt de foto hierboven uit het Geheugen van Nederland met deze begeleidende tekst: Dit is het Friese meisje Elsje Klink (12) temidden van haar klasgenoten op de L.T.S. te Sneek. Elsje wil “timmerman”worden en aangezien haar ouders daarmee akkoord gaan staat zij nu als enige vrouw haar mannetje met zaag en hamer. 

Waar elke bibliothecaris wel eens van droomt…

…  maar natuurlijk nooit doet, want daar zijn we te professioneel voor.

De titel van het filmpje verraadt al wat er gaat gebeuren, maar het einde is toch nog onverwacht. Zou dat werken, in het echt?

Het gezicht van de bibliotheek

“People don’t care how much you know until they know how much you care.” – Mark Twain

Wat is de rol van de bibliothecaris nu we Google hebben? HET antwoord heb ik (nog) niet, maar ik denk dat Mark Twain hierboven wel een punt heeft. Persoonlijke en oprechte aandacht wordt een zeldzaam goed dat een bibliotheek zou kunnen bieden aan zijn lezers. Naast zijn rol als Digitale Curator denk ik dat persoonlijke aandacht van een bibliothecaris een onvergelijkbare meerwaarde voor de bibliotheek levert. Al is het maar omdat Google en Bibliotheek.nl dat niet hebben. Want gepersonaliseerde pagina’s zijn leuk en handig maar soms wil je gewoon een aardige mevrouw die met je meeloopt naar de kast in plaats van je alleen een plaatsingscode te geven. Of een vriendelijke meneer die je naar aanleiding van je plastic tasje van de Stripwinkel ook nog even wijst op de tentoonstelling van striptekeningen op de bovenste etage.

Maar de kans dat je zo iemand tegen komt in de bibliotheek wordt de laatste jaren steeds kleiner vanwege de diverse hervormingen. Scheiding tussen front- en backoffice was de eerste stap. In de backoffice zouden bibliothecarissen zich met “inhoudelijke zaken” moeten gaan bezig houden, waarmee de lezers en de uitlening impliciet tot niet inhoudelijk werden bestempeld. Ook goed bedoeld maar qua klantvriendelijkheid verkeerd uitgepakt is stap twee: de zelfbediening. Prima bedacht vanuit Arbo-oogpunt: een einde aan geestdodend en fysiek belastend werk. Maar het resultaat is dat op de gemiddelde bibliotheekvloer nu een stuk minder mensen rondlopen dan voorheen. Fijn voor de boekhouder want dat spaart een heleboel salaris uit, maar niet voor de argeloze klant die op zoek is naar contact.

“We zijn geen buurthuis” was het antwoord altijd als ik commentaar leverde op de inzet van personeel. “Koffie drinken doen de mensen maar ergens anders”. Met hetzelfde soort drogredenen verving de NS de stationsloketten door kaartjesautomaten. “We sluiten loketten zodat we meer service kunnen leveren door de loketmensen anders in te zetten”. Nou heb ik bij de NS niet zozeer behoefte aan menselijk contact, behalve als ik weer eens sta te tieren bij een kaartjesautomaat die mijn pinpas steeds uitspuugt dus die vergelijking gaat niet helemaal op. Maar het idee is wel hetzelfde. Vanuit efficiency oogpunt worden er maatregelen getroffen waarbij alleen op de bedrijfsvoering wordt gelet en waarbij de klant uit het oog wordt verloren. Je kunt als bezoeker een uur in een bibliotheek verblijven, boeken uitlenen en aanvragen zonder een personeelslid te spreken. Vaak moet je zelfs veel moeite doen om überhaupt iemand te pakken te krijgen.

En ja ik weet dat er steeds minder vragen gesteld worden in de bibliotheek maar dat is een kwestie van opvoeden. Als niet duidelijk is waar je met je vraag terecht kunt omdat het o-zo-oubollige inlichtingenbureau is opgeheven dan stel je vanzelf minder vragen. Of als je van die medewerker geen bevredigend antwoord krijgt maar met een half antwoord wordt weggebonjourd. Maar als je merkt dat de mensen die in de bibliotheek werken je kennen en zich voor je interesseren dan kom je vaker. Iedereen heeft toch wel zo’n verhaal over die ene meester of die ene tante die je als kind op het spoor van een verhaal  zette dat een enorme indruk heeft gemaakt? Dat lijkt me bij uitstek een rol voor de bibliothecaris. In kleine vestigingen gebeurt dat nog want in een kleinere kern vult de bibliotheek zijn sociale rol op een hele particuliere manier in. Daar is de bibliothecaris vaak het gezicht van de bibliotheek, herkenbaar en aanspreekbaar, en zo zou dat vaker moeten gebeuren.

“They may forget what you said, but they will never forget how you made them feel.” – Carl W. Buechner

Dit stukje had ik bijna af toen ik bovenstaande Britse kinderen tegenkwam.  Ze zijn boos omdat de bibliotheek aan het reorganiseren is en de plaatselijke jeugdbibliothecaris een andere functie heeft gekregen. Ze willen Paula niet kwijt en voeren daarom actie. Kijk, dan ben je iemand….

get_footer() ?>