Tenaanval

Tenaanval

Over bibliothecarissen, bibliotheken, leesbevordering en soms over kunst

Kunnen bibliothecarissen zichzelf innoveren?

30 november 2008 | 8 Comments

LibelleIk sleep Bibliotheekblad nr. 21 nou al een paar weken met me mee vanwege het artikel van Evert Jan Groeskamp over de arbeidsproblematiek in openbare bibliotheken. Onder de titel Help, de bibliothecaris verzuipt! legt Groeskamp nog één keer uit wat de bibliotheken fout gedaan hebben op het gebied van functie innovatie en ik kan het alleen maar hartgrondig met hem eens zijn.

Alleen die mededeling is een beetje saai voor een post (dat is de categorie “instemmend gebrom”) maar er beginnen inmiddels een aantal dingen bij elkaar te komen. Zo schreef Jan een paar weken geleden vrij uitvoerig over zijn bedenkingen bij het innovatief vermogen van bibliothecarissen naar aanleiding van de worsteling van de NVB-ob om het hoofd boven water te houden en het voorstel tijdens de ledenraadpleging om de afdeling maar op te heffen.

Daarnaast hoor ik in de wandelgangen af en toe verhalen over hoe sommige bibliotheekdirecteuren tegen (of over) hun medewerkers praten en daar word ik niet echt blij van. Als je dan in Focus, het nieuwe kwartaalblad van het NRC (over economie, strategie en leiderschap) leest over hoe belangrijk het is om je medewerkers serieus te nemen is dat wel heel erg wrang.

Ik denk dat het daar mis gaat: medewerkers worden vaak niet serieus genoeg genomen en (een aantal) directeuren zien zichzelf als de maatstaf der dingen. Natuurlijk zijn er in de branche mensen die echt niet willen veranderen, maar ik denk dat het merendeel dat best wil, zie hoe de 23 dingen overal worden opgepakt. Medewerkers weten vaak alleen niet hoe en ze zijn bang, vooral om iets verkeerd te doen. Maar dan helpt het niet om heel hard tegen die mensen te roepen dat het bangeschijterts zijn want daarvan kruipen ze alleen nog maar meer in hun schulp. Het is veel beter om ze serieus te nemen: ze te erkennen in hun vakmanschap en ze het vertrouwen te schenken dat ze meekunnen in de vlucht naar voren.  

Directeuren zijn meestal zeer doordrongen van de noodzaak tot innovatie maar weten er vaak net niet genoeg vanaf om daar met verstand van zaken over te kunnen oordelen. Maar in plaats van met elkaar te onderzoeken hoe je samen aan de slag kunt wordt er op basis van een halfbakken mening een project opgestart: dwz van bovenaf de organisatie ingedonderd. Of er worden externe deskundigen ingehuurd die aan de hand van een standaard draaiboek er in een noodtempo een vernieuwingstraject doorheen jagen zonder input van onderop. Vervolgens zijn ze teleurgesteld over de uitkomst van zo’n traject, zien ze het als een bevestiging: “zie je wel, dat personeel van mij dat wil ook niks”. Maar met dat personeel moet je het wel doen als directeur, dus je kunt je maar beter in de mensen verdiepen. En dat bedoel ik letterlijk: dat jezelf als directeur moeite moet doen om achter de beweegredenen van je mensen te komen en je niet moet verschuilen achter procedures of cursussen of managers. Wat dat is de enige manier om erachter te komen waar de kracht van de mensen zit en daar moet je bij aanhaken. Laat mensen doen wat ze graag doen of wat ze echt belangrijk vinden. En dat er een gat kan zitten tussen wat de medewerkers belangrijk vinden en wat een directeur belangrijk vindt snap ik ook wel, maar kijk waar de raakvlakken zitten in plaats van je alleen maar boos te maken over hoe groot dat gat is. 

En natúúrlijk hebben medewerkers zelf een verantwoordelijkheid als het gaat om bijblijven in je vak en je moet als medewerker ook je mond opentrekken als je ziet dat het binnen je eigen organisatie een hele verkeerde kant opgaat in plaats van passief te mopperen langs de zijlijn. Maar ik weet ook dat het binnen sommige organisaties heel moeilijk is om serieus genomen te worden. Daarom vind ik het zo flauw dat mensen vaak de mond gesnoerd wordt met de vraag “en wat heb je er zelf al aan gedaan om dat te veranderen?”.  

Kijk hoe dat hele functie-innovatietraject een paar jaar geleden verliep: iets wat in theorie misschien nog wel aardig was wordt door de branche omarmd en vervolgens zo hardhandig doorgevoerd dat het een averechts effect heeft. Groeskamp heeft het over de “rigiditeit van Al-Qaida fanaten” als het om uitvoering gaat. Lichtelijk overdreven maar wel geestig en heel duidelijk.

En het is óók zo dat de categorie mutsen oververtegenwoordigd is in ons vak, maar dat is nou eenmaal de realiteit, daar moeten we iets mee. En dan graag meer dan alleen maar roepen dat het suffe biebmiepen zijn. Het lijkt wel alsof de voorlopers in onze branche zo trots zijn dat ze geen muts zijn (of niet méér zijn?) dat ze zich hardhandig afzetten tegen iedereen die dat wel is. Dat is volgens mij niet de manier om tot wederzijds begrip te komen. Want dat heb je nodig als je wil dat anderen je volgen op het innovatiepad. Anders blijf je in je eentje, weliswaar voorop lopend maar wel alleen. 

Neem elkaar serieus (tel desnoods even tot 10 bij de zoveelste vraag naar de bekende weg), ga het gesprek aan en durf je mening bij te stellen. Volgens mij is dat het begin. Op Bibliotheek 2.0 is een discussie gestart over het artikel van Groeskamp, helaas kan ik daar geen reddingsmiddelen aanreiken. Geen praktische althans.

Overigens: waarom is het Bibliotheekblad niet online te lezen? Bepaald geen goed voorbeeld voor een branche organisatie die moet innoveren, Eimer…

8 people are talking about “Kunnen bibliothecarissen zichzelf innoveren?

  1. Ik ben zó opgelucht met deze post, Ten Aanval. Had het zelf nooit zo krachtig kunnen formuleren. Dankjewel !

  2. Een prachtbeschouwing inderdaad, met goede nuances. Ik heb het artikel ook gelezen. Goed dat er aandacht aan besteed wordt!

  3. Ha Tenaaval,
    ‘En het is óók zo dat de categorie mutsen oververtegenwoordigd is in ons vak’, schrijf je. En dat terwijl ik totdat ik dit las dacht dat jij iemand was die zoiets nooit zou zeggen…
    Wat bedoel je precies met ‘mutsen’ en welke steekproef heeft je geleerd dat ze oververtegenwoordigd zijn? (Hoeveel mutsen mogen nog net?) Of ben je nu ook iemand geworden die denkt ‘iedereen zegt het dus het zal wel zo wezen’? Nee Tenaanval, dat kan ik echt niet van je geloven!
    Het bewuste bibliotheekblad heb ik opgezocht en ik ga het artikel z.s.m. lezen.
    Groet, schrvrdzs

    p.s. Waar heb ik dat nou toch gelezen, ik geloof in een enquete van Bibliotheek Rotterdam, dat ‘jongeren’ op de vraag wat de bibliotheek moest hebben om voor hen aantrekklijk te zijn o.a. antwoordden ‘dames van een jaar of 60, want die zijn tenminste geduldig’?

  4. Ha schrijver,

    Met mutsen bedoelen “we” in de branche medewerkers (niet persé vrouwen) die alleen dat doen wat ze altijd al gedaan hebben. Die niet verder willen kijken dan hun neus lang is, die zich strikt aan alle regeltjes houden en die elke extra moeite teveel vinden. Ze zien nooit kansen, alleen maar problemen en worden niet snel enthousiast.

    Het heeft niks met leeftijd te maken, in de opleiding kwam je ze vroeger al tegen.
    Dat ze oververtegenwoordigd zijn is een ervaringsfeit. Waarschijnlijk zijn ze in de bibliotheek Rotterdam (waar jij komt) niet zo opvallend of zijn er daar minder. Bij ProBiblio vindt je ze ook niet zoveel. Maar op de werkvloer in bibliotheken des te meer.

  5. Ha Tenaanval,
    Ik zou niet gedacht hebben dat ‘muts’ ook op een man kan slaan. Weer wat geleerd.
    In Bibliotheek Rotterdam kom ik maar zelden, dus ik weet niet goed hoe het personeel daar is.
    Ik wil je wel geloven dat er in bibliotheken veel mutsen rondlopen, maar het kost me moeite en ik vind het in elk geval een term die je beter niet kunt gebruiken.
    Mogelijkerwijs ben ik er zelf eentje, dat kun je bij jezelf waarschijnlijk moeilijk vaststellen.
    Groet, schrvrdzs

  6. Tja… die enquete slaat waarschijnlijk op een blogpost die indertijd werd ‘ingetrokken’ op dringend verzoek ….

  7. @ Anoniem:
    Daar word ik wel heel nieuwsgierig van, van zo’n opmerking. Neem aan dat dat over een post van jou gaat?
    Kan ik dat toch nog ergens teruglezen?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *