Tenaanval

Tenaanval

Over bibliothecarissen, bibliotheken, leesbevordering en soms over kunst

Blogberichten

All of the posts under the "Blogberichten" category.

Hoe je jongens aan het lezen krijgt

Dit is weer een mooi filmpje van Storycorps, over de kracht van bibliothecarissen. Of over collectievorming. Of wat je er ook in wil zien. Echt gebeurd. De hoofdpersoon Olly Neal vertelt dit verhaal aan zijn dochter, je hoort zijn stem. Echt een lief verhaal.

Storycorps is een organisatie die sinds 2003 verhalen verzamelt, op steeds grotere schaal. Hun missie is: to preserve and share humanity’s stories in order to build connections between people and create a more just and compassionate world. Bij sommige verhalen wordt een filmpje gemaakt, een paar geleden heb ik al eens een van hun filmpjes gedeeld. Over de bibliobus.

Als je wil weten hoe dat boek waar het allemaal mee begon er uit ziet of meer informatie wil dan moet je hier even kijken. En oh ja: hoe krijg je jongens aan het lezen? En meisjes ook trouwens? Zorg er voor dat je de juiste boeken hebt. En daar heb je dan weer een bibliothecaris voor.

Brillen en een bibliotheek

Dit filmpje is reclame voor een brillenwinkel. Het is een tamelijk bizarre video: totaal over de top vormgegeven, een soort mini Wes Anderson film en ik vind het prachtig. En nou niet beginnen over dat het te stereotype is, een bibliothecaresse met een bril of dat je stil moet zijn in de bieb want het is een reclamefilmpje. Dat is altijd cliché. En voor de slogan ‘Eyes say more than words’ vind ik een bibliotheek als locatie goed verzonnen.

Ik had nog nooit van Georgetown Optician gehoord en ik ging er van uit dat het een Amerikaanse versie van de Pearle zou zijn, of in elk geval een brillenwinkelketen. Maar dat is niet zo. Het is een brillenzaak uit Washington DC en ze hebben 4 winkels, allemaal in Washington. Wel met de ‘Best eyewear in Washington’. De film is opgenomen in de George Peabody Library in Baltimore, die staat hoog op mijn lijstje van te bezoeken bibliotheken.

Ze hebben het trouwens eerder gedaan, in 2015 was er een soortgelijk filmpje over de familie die achter deze winkel zit. Daar was de slogan “Our family knows glasses” en daarna nog een filmpje met dezelfde familie waar ze bij oma op bezoek gaan. Allemaal even hysterisch. Ik vind ze geweldig. En wie precies wil weten hoe het zit met die video kan hier alle credits vinden.

Over optimisme en trotser zijn op lezen

Een paar weken geleden had ik weer een reünie van mijn Nieuw Elan klasje. Wie niet weet wat Nieuw Elan is moet hier en hier maar even lezen wat ik eerder schreef over die opleiding en over onze reünies. Dit keer troffen we elkaar in Amsterdam, in de bibliotheek in De Hallen, de oude tramremise die een aantal jaren geleden verbouwd is en nu een bloeiend bestaan kent als cultureel/culinair/winkel centrum. Het mooie is dat de bibliotheek een belangrijke rol heeft gespeeld in de ontwikkeling van dit hele complex en dat onze gastvrouw Erica Schoen daar een van de voortrekkers van was. We hoorden daarom verhalen uit de eerste hand over hoe dat hele complex tot stand was gekomen, niet alleen van Erica maar ook van de architect André van Stigt die het hele proces bedacht en begeleid heeft.

We werden er allemaal heel vrolijk van, van zoveel mooie verhalen en idealen. Tijdens het bijpraten over wat iedereen gedaan had sinds de vorige reünie bleken we ook allemaal vol optimisme te zitten. De ene wat voorzichtiger dan de ander, want ja er was ook sprake van onbesuisde bezuinigingen maar toch: optimisme. Terwijl sommigen van ons zes jaar geleden, bij onze eerste reünie nog wat voorzichtiger waren. Toen hebben we het serieus gehad over het bestaansrecht van de bibliotheek. Maar daar twijfelde nu niemand meer aan. De tijden zijn duidelijk veranderd. En nou ga ik niet zeggen dat de bibliotheek zichzelf opnieuw heeft uitgevonden want dat is niet alleen een cliché maar ook gewoon niet waar. De branche heeft zich aangepast aan veranderende tijden: we hebben meebewogen met de politieke en maatschappelijke veranderingen en we zijn ingegaan op nieuwe vragen van het publiek. Maar dat is ons vak. Per saldo doen we nog steeds waar we 100 jaar geleden (in ons geval) voor zijn opgericht, namelijk “de verstandelijke ontwikkeling bevorderen onder de inwoners”.

We hebben een periode achter de rug waarin dat niet zo belangrijk werd gevonden: een periode van iedereen voor zichzelf en ‘samen voor ons eigen’. Daarnaast zou het internet het papier overbodig gaan maken dus dat softe gedoe met die boeken en die ontwikkeling stimuleren kon wel weg. Maar nu er alom overeenstemming is dat het Neoliberalisme op zijn retour is en mensen inzien dat papieren boeken ook een heleboel voordelen hebben wordt steeds breder erkend dat bibliotheken er wel degelijk toe doen. Natuurlijk ook omdat we ons bestaansrecht de afgelopen jaren volop bewezen hebben. Mijn collega Mark Deckers schreef onlangs over de maatschappelijk-educatieve bibliotheek versus de klassieke bibliotheek maar dat vind ik een lastige tegenstelling, want in mijn ogen is de klassieke bibliotheek sowieso maatschappelijk-educatief. Dat maatschappelijk-educatieve legt elke bibliotheek op een andere manier uit. En dat lijkt me heel verstandig, want elke bibliotheek heeft te maken met een andere omgeving en met andere gemeentes. Wat mij betreft ligt de nadruk vooral op lezen en leesbevordering. Uiteraard omdat je goed moet kunnen lezen om volwaardig mee te kunnen doen in deze maatschappij. Maar lezen is zoveel meer: het is literatuur, je kunt je beter inleven dus je wordt er socialer van, een beter mens zelfs en soms is het ook gewoon ontspannend. Dus die platgeslagen definitie van leesbevordering ten dienste van maatschappelijke weerbaarheid trek ik graag wat breder. Wat mij betreft is leesbevordering een doel op zich voor de bibliotheek. Wij hebben verstand van lezen en van boeken en soms denk ik dat we daar best wat trotser op mogen zijn.

De letters van Utrecht

Misschien ben ik er wel eens over gestruikeld, over de letters van Utrecht. Maar dat kan ik me niet herinneren. En misschien had ik ook al eens eerder van dit initiatief gehoord, want het kwam me vaag bekend voor. Maar toch werd ik heel erg blij van dit zeven jaar oude filmpje. En van de geweldige website die hier bij hoort. De Letters van Utrecht is een langzaam groeiend gedicht in de straten in het centrum van Utrecht. Het gedicht groeit met één letter per week: elke zaterdag tussen 13 en 14 uur wordt er door een steenhouwer ter plekke één letter van het gedicht gehouwen.

Ze zijn begonnen in juni 2012 en toen hebben ze meteen de eerste 648 letters gelegd, ik neem aan om alvast zichtbaar te maken waar ze mee bezig zijn. Maar sinds die tijd dus elke zaterdag één letter. Vandaag werd letter 1024 gehouwen, dat is de letter o. Op de website is dat allemaal precies terug te lezen, ook door wie de letter van deze week werd gesponsord. Het gedicht groeit op deze manier met ongeveer vijf meter per jaar en ze schrijven het nadrukkelijk voor de volgende generatie. Aan de sponsorpagina zie je dat dit aspect ook zo de deelnemers wordt ervaren, want voor zover ik kan zien zijn de stenen allemaal aan iemand of aan een gelegenheid opgedragen. De steen van vorige week bijvoorbeeld is Voor Ankie die 60 is geworden en op deze manier een deel blijft uitmaken van haar geliefde Utrecht. Of de steen van de week daarvóór, die is voor de melkboer uit de Sterrenwijk. Ik vind het prachtig dat die melkboer nu dus voor de eeuwigheid langs een Utrechtse gracht ligt. Of nou ja, de eeuwigheid… Zolang de grachten blijven bestaan dan.

Het gedicht wordt geschreven door verschillende dichters, elke dichter wordt gevraagd om ongeveer 125 tekens te schrijven. Inmiddels is dichter nummer 8 aan de beurt. De mooiste zin uit het filmpje hierboven vind ik “En zo hopen wij dat de beschaving in stand wordt gehouden.” Het project is een initiatief van het Utrechts Stadsdichtersgilde en is ook te volgen op Twitter. En ze gaan door: “Iedere zaterdag, zolang er zaterdagen zijn.”

Een filmpje voor het digiTaalhuis

digiTaalhuis Bibliorura

Op 3 november 2017, op de dag dat we onze 100ste verjaardag vierden, openden we het digiTaalhuis in onze bibliotheek. We zijn nu ruim anderhalf jaar verder en het digTaalhuis begint langzaam een begrip te worden. We organiseren Taalcafés, taalspreekuren (in de bibliotheek en op verschillende locaties in de stad), cursussen Klik & Tik en toen de gemeente Roermond digitaal parkeren invoerde heeft de Stichting Digisterker zelfs een speciale parkeermodule voor onze Digisterker cursus gemaakt. Kortom: we doen mooie dingen. Maar toch hebben we het gevoel dat we nog niet voldoende mensen bereiken. Daarom hebben we in samenwerking van de gemeente Roermond een filmpje laten maken om het digiTaalhuis te promoten. Ik ben er erg trots op dus ik breng het hier graag onder de aandacht.

Het filmpje is gemaakt door Inova en je ziet onze eigen taalambassadeur Jeroen zijn verhaal vertellen. We presenteerden het filmpje in het Laurentius Ziekenhuis, niet alleen omdat we daar opnames gemaakt hebben maar ook omdat ze het filmpje daar op de schermen in de wachtkamers gaan vertonen. Dat is ook de reden dat het ondertiteld is want daar is geen geluid, er is ook een versie zonder ondertitels. We zijn nog in gesprek met de huisartsen en andere medische organisaties in de stad omdat we het op zoveel mogelijk plaatsen willen vertonen. Het is niet alleen deze film maar er hoort een hele campagne bij met posters en flyers. De doelgroep voor deze campagne is niet de laaggeletterde zelf maar juist de omgeving, die mensen kunnen wijzen op het digiTaalhuis. Bij de presentatie waren zowel onze ‘eigen’ wethouder aanwezig, als de wethouder van sociale zaken. Het was een echt feestje, Delta Limburg heeft er een mooi verslag van gemaakt. Er is nog een ander filmpje in de maak, dat richt zich vooral op werk en overheid. Dat komt na de zomer.

De film “Free for all”

Free for All is een film over het belang van de openbare bibliotheek, gemaakt door een aantal gerenommeerde Amerikaanse documentairemakers. Bijna vijf jaar geleden schreef ik er al eens over, toen was men druk bezig met filmen en vooral met het zoeken van financiering. Nu is hij dan eindelijk bijna af. Omdat ik een bijdrage heb gedaan aan de crowdfunding kreeg ik de afgelopen jaren af en toe een mailtje om me op de hoogte te houden al bleef ’t het afgelopen jaar erg stil. Aan deze trailer te zien hebben ze echter allesbehalve stilgezeten. Van een film die in beeld brengt wat de openbare bibliotheek betekent voor individuele mensen is hij zo te zien nu uitgebreid met een flink deel bibliotheekgeschiedenis en recente ontwikkelingen op financieel en politiek gebied.

Het is me nog niet helemaal duidelijk wanneer de film precies uitkomt, maar als het zover is kan de VOB deze film misschien ook naar Nederland halen want volgens mij gaan we hier allemaal erg vrolijk van worden. Zo te zien staan ze daar zeker voor open want ze willen hun activistische boodschap graag zo breed mogelijk verspreiden. De situatie van Nederlandse bibliotheken is alleen heel anders dan in de Verenigde Staten: alleen al omdat de financiering heel anders geregeld is en de relatie met de overheid nogal verschilt. En ja, dáár is de bibliotheek gratis, dus letterlijk altijd Free for all.

De bibliobus is terug in New York

Na jaren van afwezigheid rijdt er sinds deze week weer een bibliobus door New York. Geen bus zoals wij die in Nederland kennen maar een omgebouwd sprinter busje, zo eentje waar New York vol mee staat en van waaruit ijsjes of hotdogs verkocht worden. Met zo’n zijraampje dat open klapt als een loket. Er kunnen ongeveer 1000 boeken in en het wordt bemand door twee medewerkers. Dit eerste busje staat voorlopig vier dagen in de week in de Bronx, er komen nog twee bussen bij en dan wordt de dienstverlening uitgebreid naar Manhattan en Staten Island.

Ik vind het geweldig. Daar zal ongetwijfeld in meespelen dat ik ooit voorzitter van het Landelijk Platform Bibliobussen was maar zeg nou zelf: dit is toch geweldig? Ze gaan er niet alleen mee naar scholen maar ze staan ook op vaste standplaatsen zo te zien. En ze gaan de busjes gebruiken als ergens een bibliotheek vanwege verbouwingen tijdelijk gesloten is. Zoals ze dat in Emmen op dit moment ook doen, bij de verbouwing van de centrale.

Mijn bibliothecarissenhart kromp wel een beetje ineen van die boekenkarren in de regen. Ik vraag me af hoe ze dat gaan doen als het echt slecht weer is. Maar daar verzinnen ze vast weer iets op. Ik ga ze in elk geval volgen. Dat is makkelijk want de bussen hebben hun eigen twitteraccount. Leve de bibliobus!

Rupsje Nooitgenoeg geeft hoop

Dit jaar bestaat Rupsje Nooitgenoeg 50 jaar. Bij echte klassiekers heb je geen idee van tijd, ik wil ook niet weten hoe oud Pipi Langkous is. Maar Rupsje Nooitgenoeg wordt dus 50. Het is een wereldwijde klassieker en in dit filmpje legt Eric Carle uit wat volgens hem het succes van het boek is: “It is a book of hope. Children need hope.” Als zo’n kleine, onbelangrijke rups kan uitgroeien tot een mooie grote vlinder dan kan ik ook iets anders worden en de wereld veroveren zegt dit verhaal.

Ik vind het een mooie gedachte, want dat is wat boeken kunnen doen inderdaad. Zeker voor kinderen. En ik vind het een mooi filmpje, van die bijna 90-jarige Carle. Hij heeft er nog zin in zo te zien. In alles. Erg schattig hoe hij zit te stralen. Zijn laatste boek kwam uit in 2015 en hij heeft een museum (niet alleen over zijn eigen werk maar over kinderboeken in het algemeen), zijn eigen website met blog en hij zit op Facebook. Dus hoera voor Eric Carle en Happy Birthday Rupsje Nooitgenoeg. Nog vele jaren!

Een bibliotheek gaat wél over boeken

Het begint een traditie te worden: Mark Deckers die aan het knutselen slaat met de cijfers die de Koninklijke Bibliotheek jaarlijks publiceert over de Nederlandse openbare bibliotheken. Twee jaar geleden schreef ik daar ook al eens een stukje over, toen omdat we op nummer 1 stonden in de categorie “bibliotheek met het jongste personeel”. Ik vind nog steeds dat je al die cijfers en vergelijkingen niet al te serieus moet nemen en ik vind nog steeds dat het verhaal belangrijker is dan de cijfers. Want het blijven appels en peren die je met elkaar vergelijkt, elke bibliotheek heeft een ander werkgebied, een andere geschiedenis en een andere achtergrond. Maar inmiddels begin ik wel de lol van die al die vergelijkingen in te zien. En ok, het helpt dat Mark zijn verzameling de Deckers-index noemt. Vind het geweldige naam die we er maar in moeten houden.

Ook dit keer neemt de bibliotheek Bibliorura weer een opvallende plaats in op de lijst. We komen zelfs twee keer in Marks’ lijstjes voor, een maal op nummer 15 in de lijst van best bezochte bibliotheekwebsites en we zijn de hoogste nieuwe binnenkomer in de lijst van bibliotheken waar het meest wordt uitgeleend per lid. Waar de leden het meest lenen dus. Dat verbaasde me in eerste instantie zeer, want zo spectaculair waren onze uitleencijfers toch niet gestegen? Maar een vergelijking van de lijst van dit jaar met die van twee jaar geleden maakte een hoop duidelijk. Om te beginnen was het toen een top 10 en maakte Mark nu een top 15. Waarschijnlijk bungelden wij in 2015 ergens onder die nummer 10. Maar de voornaamste reden is dat onze uitleencijfers in 2017 zijn gestegen en de uitleningen van andere bibliotheken zijn gedaald. Daarom komen wij opeens als hoogste stijger binnen op deze lijst. Mark zegt het zelf al: het gemiddeld aantal uitleningen is gedaald, van 20,7 in 2015 naar 19,7 in 2017. En daar ben ik blij mee, dat onze uitleningen zijn gestegen, daar hebben we met zijn allen ook ons best voor gedaan.

Ik weet dat een aantal collega’s het niet zo’n probleem vindt, dat de uitleningen dalen, want het gaat in de bibliotheek immers niet om boeken en uitleningen maar om bereik? Om hoeveel mensen je bereikt? En veel mensen leggen dat dan uit als in hoeveel activiteiten je organiseert. Boeken zijn voor hen maar een bijproduct. Het voelt een beetje vreemd om, na meer dan 10 jaar op mijn blog te schrijven dat openbare bibliotheken een grotere maatschappelijke rol moeten gaan spelen, opeens te gaan pleiten voor meer aandacht voor de collectie maar dat ga ik nu toch doen. Want ik word er een beetje verdrietig van als ik sommige bibliotheken binnenkom, waar het lijkt alsof de boeken meer decorstuk zijn dan pronkstuk. Ik krijg soms het gevoel dat ze meer op een Volksuniversiteit willen lijken dan op een bibliotheek. Maar we zíjn geen Volksuniversiteit, we zijn een BIBLIOtheek, de naam zegt het al, we gaan over boeken. En over lezen en leesbevordering en (daarmee) over het bestrijden van laaggeletterdheid. En om effectief aan leesbevordering te doen heb je een goede collectie nodig. Dat is nota bene ons argument bij de Bibliotheek op School: laat ons je collectie maar verzorgen want je hebt een goede, gevarieerde collectie nodig om kinderen aan het lezen te krijgen. En wat voor kinderen geldt, gaat ook op voor volwassenen. Als je het lezen wil bevorderen moet je zorgen voor een goede collectie.

En ik weet het, kennis en informatie zit in meer dan alleen boeken, die kun je ook op andere manier delen. En ja, bibliotheken zijn méér dan alleen boeken. Maar boeken blijven een belangrijk bezit. En de collectie verdient dus veel aandacht. En ik weet ook dat ik makkelijk praten heb, want ik heb maar één vestiging. Dus ik hoef het collectiebudget niet te verdelen maar ik kan het helemaal in die ene vestiging stoppen. Dat scheelt een heleboel verdubbelingen en dus kunnen de collectioneurs meer aandacht besteden aan verdieping van de collectie. En daarmee trekken we weer extra lezers.

De afgelopen jaren werden we platgegooid met verhalen over het boek dat zou verdwijnen en over ontlezing en we zagen het aantal uitleningen allemaal dalen. Maar ik zie een kentering: het lezen komt terug. En dan niet alleen omdat wij als bibliotheken daar allemaal ons stinkende best voor aan het doen zijn maar omdat ik steeds vaker mensen hoor zeggen dat ze meer willen gaan lezen, of eindelijk weer eens tijd gaan maken om te lezen, of dat ze een account gaan aanmaken bij Goodreads omdat ze een stok achter de deur willen om meer te lezen. En ja, dat betekent nog niet meteen dat iedereen ook echt meer gaat lezen, maar het is in elk geval weer een nieuw geluid. En daarom ben ik blij dat onze uitleencijfers stijgen. Want ik ben klaar voor die nieuwe trend.

Kurt Vonnegut: “we’re dancing animals”

[When Vonnegut tells his wife he’s going out to buy an envelope]

“Oh, she says, well, you’re not a poor man. You know, why don’t you go online and buy a hundred envelopes and put them in the closet? And so I pretend not to hear her. And go out to get an envelope because I’m going to have a hell of a good time in the process of buying one envelope. I meet a lot of people. And, see some great looking babes. And a fire engine goes by. And I give them the thumbs up. And, and ask a woman what kind of dog that is. And, and I don’t know. The moral of the story is, is we’re here on Earth to fart around. And, of course, the computers will do us out of that. And, what the computer people don’t realize, or they don’t care, is we’re dancing animals. You know, we love to move around. And, we’re not supposed to dance at all anymore.”

Dit is een fragment uit het allerlaatste tv-interview dat schrijver Kurt Vonnegut gaf. Het dateert uit 2005 en je kunt een deel daarvan hier terugkijken. Een aanrader want hij is tamelijk geestig, op zijn 83e. In dat fragment komt dit citaat overigens niet voor, dat heb ik gevonden op Wikipedia. En voordat de “computer people” nou komen klagen dat die oude man het allemaal verkeerd ziet want dat computers helemaal geen bedreiging zijn: ik vind het een mooi uitgangspunt, dat we allemaal dansende dieren zijn. Voor het nieuwe jaar wens ik jullie allemaal ruimte om te klooien, “to fart around”. Zouden meer mensen moeten doen.

get_footer() ?>