Tenaanval

Tenaanval

Over bibliothecarissen, bibliotheken, leesbevordering en soms over kunst

De restauratie van een iconische leeszaal

De bekendste leeszaal van de New York Public Library wordt gerestaureerd. Het beroemde bibliotheekgebouw aan Fifth Avenue wordt volgens een ambitieus en niet onomstreden plan verbouwd en ik neem aan dat een opknapbeurt van de Rose Main Reading Room ook wel ergens ingepland stond. Maar in 2014 viel er opeens een rozet uit het 100 jaar oude plafond waardoor de boel in een stroomversnelling kwam. In dit filmpje krijg je een idee van wat een enorme operatie die restauratie is. De bedoeling is dat alles klaar is aan het eind van dit jaar. Behalve dit filmpje heeft de bibliotheek ook nog een tentoonstelling gemaakt over de restauratie en de geschiedenis van het gebouw. Tot begin oktober te zien.

Ik hou hier van, van dit soort filmpjes.

Om trouwens een beetje een idee te krijgen van de omvang van de bibliotheekcollectie en de hele verbouwingsoperatie hier nog een interessant artikel over de verhuizing van delen van de collectie. Via Edwin.

Pokémons in de bibliotheek of juist niet?

pokemon nogo

De Pokémon GO hype is nu een kleine zes weken oud. Het is een grotere hype dan ik ooit voor mogelijk had gehouden, maar dat ligt uiteraard geheel aan mijn gebrek aan fantasie. De verhalen over invasies van Pokémonspelers zijn legio en inmiddels zijn er ook al een aantal bibliotheken op de hype ingesprongen. Leek me wel een goed idee want ik stel me zo voor dat je op die manier weer een heel nieuw publiek in je bibliotheek krijgt en dat wil toch iedereen.

Maar in de bibliotheek van het Duitse Nordenham denken ze daar heel anders over: daar hebben ze de bibliotheek tot Pokémon-vrije zone uitgeroepen, het is er verboden om Pokémons te vangen. Niet omdat ze in die bibliotheek niet van spelletjes houden of omdat ze iets tegen het digitale hebben: ze lenen er gewoon games uit. Maar directeur Jochen Dudeck vindt dat je niet zomaar, zonder er bij na te denken met deze hype moet meegaan. Hij vindt dat er een discussie nodig is over de vraag of het zomaar kan dat een commercieel bedrijf, zonder het te vragen en zonder overleg de openbare ruimte claimt en tot speelveld uitroept.

Nog even los van wat je antwoord is op die vraag vind ik het feit dat iemand daar überhaupt bij stil staat heel goed. Ik was er niet opgekomen en ik vraag me af hoeveel bibliotheken die met Pokémon GO aan de slag zijn gegaan daar wel aan hebben gedacht. Het is een interessante vraag. Op hun Facebookpagina verwoordt de bibliotheek Nordenham het zo: Wir möchten damit zur Diskussion über diesen Hype anregen! Dieses Spiel ist Beispiel für die durchgängige Kommerzialisierung des öffentlichen Raums. Wenn wir uns als “Dritter Ort” neben privaten Räumen und Verkaufsflächen begreifen, sollten wir das auch deutlich machen. “Fun” ist nicht alles! En daar hebben ze natuurlijk wel een punt. Als een bibliotheek een andere commerciële partij zou binnenhalen (als sponsor bijvoorbeeld) zou daar eerst een stevige (of minder stevige) discussie over gevoerd zijn. En als een bedrijf zonder het te vragen opeens folders zou gaan uitdelen in de bibliotheek zou daar ook een hartig woordje over gesproken worden. Dus dat je misschien even stil moet staan bij het feit dat je opeens een commerciële partij binnen haalt is zo gek nog niet.

Daarbij is er ook enige ophef rondom de privacysettings van Pokémon GO, terecht of niet, maar dat lijkt me een extra reden om even goed na te denken wat je precies wil gaan doen voordat je begint. Zeker als bibliotheek, waar we toch een zelfopgelegde opdracht hebben om mensen mediawijzer te maken en hen iets te leren over privacy op het internet. Dat geldt overigens niet alleen voor bibliotheken maar ik vraag me ook af hoe doordacht de actie van de politie is om Pokémon GO in te zetten bij het voorkomen van criminaliteit. En even voor alle duidelijkheid: ik vind niet dat bibliotheken zich niet met Pokémon GO zouden moeten bezighouden, maar ik vind wel dat ze moeten stilstaan bij de voors en tegens van het spel. Zich niet blind van enthousiasme in iets moeten storten zonder er even goed over na te denken. Maar misschien hebben al die bibliotheken met een Pokémon Stop dat ook wel gedaan voordat ze begonnen. Dat kan natuurlijk.

In Duitsland krijgt de bibliotheek van Nordenham weinig bijval, hun Facebookpagina staat vol reacties van mensen die het onzin vinden. Zo te zien roeren zich daar vooral veel vakgenoten. Van enige discussie is nauwelijks sprake want er wordt stevig uitgehaald: discriminatie van de gamerscultuur, het zijn technofoben, ze zijn ouderwets, het is betuttelend, het bevestigt het cliché van de bibliotheek als stoffige boekenruimte en nog zo wat kreten. Al is er ook wel bijval, maar dan vooral van mensen die van stilte in de bibliotheek houden. Er is in elk geval één blogger die het voor de bibliotheek opneemt en positie kiest in dit hele verhaal met een uitgebreid stuk waarin hij niet schroomt om namen te noemen en waar dan ook weer op gereageerd wordt.

Zo te zien bestaat er in Duitsland een levendige discussiecultuur in de bibliotheekbranche. Mooi. Heel anders dan bij ons waar toch vooral in de wandelgangen wordt gediscussieerd. En waar een discussie in het openbaar al snel gesmoord wordt met sussende woorden “uit het land”. Jammer. Want je ziet hier dat een stevige discussie echt iets op kan leveren. Als het tenminste op een nette manier gebeurd. Wat hier niet echt het geval lijkt te zijn: Ducek heeft in elk geval over een Shitstorm en over eigenartiger Aggressivität. Dat is natuurlijk ook weer niet de bedoeling. Maar een inhoudelijke discussie op zijn tijd lijkt mij heel nuttig. Zou willen dat zoiets in Nederland ook kon.

The Last Bookstore

Weer een fijn filmpje. Of filmpje, filmpje, het is een korte documentaire. Een hele mooie. Over The Last Bookstore, een boekwinkel in Los Angeles. Eigenlijk een tweedehands boekwinkel, maar die naam doet de winkel echt te kort, het lijkt meer op een paleis. Het zit in een oud bankgebouw en de eigenaar, Josh Spencer, heeft er een soort tempel voor boeken van gemaakt. In deze documentaire van regisseur Chad Howitt vertelt Spencer hoe de winkel ontstaan is en ik vind zijn verhaal geweldig.

Welcome to The Last Bookstore from Chad Howitt on Vimeo.

De beelden zijn prachtig en Spencer heeft ook nog eens een goed verhaal. “I created this place as somewhere were I wanted to be and it seemed to work for a lot of other people as well.” “It’s definately become a refuge for a lot of people, regardless of whether they like books or not.” Hij heeft heel bewust geprobeerd om er een kunstwerk van te maken en wat ik nog veel interessanter vind: “we’ve tried to ad a real human element, we wanted to be an authentic real experience versus something that’s cold and calculated”. Daarom is zijn winkel een groot succes en hebben andere boekwinkels het moeilijk. Zegt hij zelf.

Kijk maar gewoon even. Geniet van zijn vakkennis als hij geroutineerd ingekomen boeken sorteert en herken de verhalen van wat mensen allemaal in hun boeken laten zitten. En trouwens: ze hebben ook lp’s.

Via Citylab

Een principiële discussie of liever iets gezelligs

Afgelopen weekend viel ik op Twitter midden in een discussie over de branche. Blijkbaar hadden collega’s het daar met elkaar gehad over een paar verbeterpunten van de landelijke ebooks collectie, een gesprek dat niet goed viel bij een aantal mensen. Want openlijk kritiek leveren is “niet slim” en “medewerkers van Nike zeggen ook niet dat hun shirtjes slecht zijn”. Over die opmerkingen valt zoveel te zeggen dat mijn hoofd bijna uit elkaar spatte van frustratie maar ik kwam net terug van vakantie en ik moest nog wasjes draaien en de plantjes op mijn balkon hadden dringend behoefte aan water en lieve woordjes dus liet ik het er maar even bij zitten. Maar ik nam me voor om een stuk te gaan schrijven over hoe dit het zoveelste bewijs was van de arrogantie van sommige medewerkers van landelijke en provinciale organisaties en van hoe slecht ze daar snappen hoe de verhoudingen horen te liggen. Dat “het land” niet bepaalt maar de regio en dat “het land” eens moet ophouden met denken dat zij iedereen kunnen voorschrijven hoe het moet. En dat ze daar vooral eens moeten ophouden met alles achter slotjes te stoppen want dat slotjes het gesprek ernstig beperken. En dat slotjes sowieso niet passen bij een branche die als kernfunctie het delen van informatie heeft.

Inmiddels ben ik alweer bijna een week terug. De planten leven weer min of meer en de wasmand is weer vol met nieuwe was. En dat stuk? Ach ja, hoeveel zin heeft dat eigenlijk? Ik heb er vaker over geschreven en dan kreeg ik reacties van nou net die mensen die het wel snappen maar die zich toch aangesproken voelen. De mensen die ik zou willen bereiken lezen het niet, of trekken zich er niks van aan, vol als ze zijn van hun eigen gelijk. Trouwens: het is vakantie, wie zit er te wachten op zo’n principiële discussie? Daarom deel ik hier liever een mooi filmpje. Eentje waar je wel vrolijk van wordt.

Acteur Ian McKellen leest twee brieven voor die Roald Dahl in 1967 schreef aan Elizabeth, een meisje dat haar favoriete auteur had geschreven dat ze zo moeilijk kon wennen op haar nieuwe school. En laat het maar aan Dahl over om zo’n meisje op te beuren.

McKellen las die brieven overigens voor tijdens Letters Live een schrijversfestival en A celebration of the enduring power of literary correspondence. Word ik ook vrolijk van, van het feit dat iemand zoiets verzint.

Een kijkje in andermans keuken

tot hier

Afgelopen maandag was ik op een bijeenkomst, georganiseerd door Cubiss, met als titel “Aan de slag! met internationalisering”. Een interessante middag, al had ik gedacht dat het zou gaan over internationalisering in het algemeen. Ik was wel benieuwd of ik nog nuttige tips zou krijgen over hoe ik het beste de samenwerking kan zoeken met mijn Duitse buren. Maar eigenlijk ging de middag over hoe nuttig het is om op excursie naar het buitenland te gaan en over hoe je daar een subsidie voor kunt aanvragen bij Erasmus. Oneerbiedig samengevat dan.

En ja natuurlijk is het nuttig om buitenlandse voorbeelden te gaan bekijken. Het is altíjd nuttig om af en toe eens verder te kijken dan je eigen neus lang is. Maar stiekem denk ik soms ook dat zo’n reisje ter inspiratie vooral een leuk reisje is. Daar is helemaal niks mis mee en je steekt er toch altijd iets van op, van zo’n reisje, al is het maar van de verhalen uit de bus. Maar zoals iemand tijdens de bijeenkomst opmerkte: waarom moet dat altijd naar het buitenland? Er is in Nederland toch ook van alles te zien? Alleen weten we niet precies wie wat doet. Ja, de spectaculaire, prijswinnende nieuwe gebouwen, die kennen we allemaal wel en daar gaat iedereen zo voor en zo na wel naar toe. Maar moeten we echt naar het buitenland om te zien hoe een taalcafé werkt? Of wat een fablab is? Die hebben we hier ook, alleen zijn die misschien niet zo gemakkelijk te vinden. Nou ja, voor een Fablab bel je natuurlijk gewoon even naar Friesland. Maar weet jij precies waar je buren mee bezig zijn? Of de buren van je buren? Want daar is ook vast een heleboel inspiratie te halen. Maar op ander gebied misschien.

Een voordeel van kijken bij de buren is dat je bij zo’n excursie al je collega’s kunt meenemen. Want zo’n buitenlands reisje is toch meestal alleen weggelegd voor leidinggevenden. Ja, toen ik in Londen de Idea stores ging bekijken had ik ook geen collega’s bij me. Terwijl dat toch vaak heel leerzaam is: met zijn allen ergens naar toe. Ik herinner me de uitstapjes toen we (jaáááren geleden) in de Bollenstreek overstapten op selfservice. Om iedereen daar op voor te bereiden moesten alle collega’s uit de frontoffice verplicht mee op excursie naar een van de bibliotheken in de omgeving om te zien hoe de zelfbediening daar werkte en om van andere collega’s te horen hoe het beviel. Dat was heel geruststellend en heel leerzaam. Maar wat opviel was dat veel collega’s met verhalen over andere zaken terugkwamen: hoe in bibliotheek X de gereserveerde boeken op zo’n onhandige plek stonden, hoe slim dat ene bordje bij de balie van bibliotheek Y was en dat we nooit, nee echt nooit die lelijke bedrijfskleding van bibliotheek Z zouden willen dragen. En we sleepten stapels folders mee als voorbeeld van hoe wij het ook wilden in de toekomst.

Reisjes naar het buitenland zijn leuk en als ze goed georganiseerd worden (zoals de Roguesreisjes bijvoorbeeld) kom je ook echt met nieuwe inzichten thuis. Dat soort excursies zijn belangrijk als het gaat over de grote lijnen en de lange termijn want dan is het goed om alles weer eens van een afstandje te bekijken. Maar om geïnspireerd te worden hoef je echt niet naar het buitenland. En het is voor iedereen nuttig om eens bij iemand anders in de keuken te kijken, dat hoeft helemaal niet ingewikkeld te zijn. Het enige probleem is dat je niet alle interessante ontwikkelingen weet te vinden in het land. Als je een hele gerichte vraag hebt (wie heeft ervaring met..) volstaat een rondje bellen of een oproepje op Biebtobieb meestal wel maar als je niet weet dat iets bestaat kun je er ook niet naar vragen. Wist je bijvoorbeeld dat er in Nederland ook een bibliotheek is met een voorleeshond? Ik bedoel maar. Er zou een soort uitzendbureau moeten zijn waar ze dit soort leuke dingetjes wel weten. Waar ze je niet alleen precies kunnen vertellen welke bibliotheek dat is met die hond, maar ook waar de dichtstbijzijnde bibliotheek is met voorleesvrijwilligers of waar ze ook aan het worstelen zijn met een nieuwe meerjarenvisie. Handig lijkt me dat. Dat zou volgens mij een mooie impuls geven aan netwerkvorming en kennisdeling.

Dat we niet per se naar het buitenland hoeven voor inspiratie bewijst De Queeste, een reis die Brabantse bibliotheekdirecteuren dit najaar gaan maken. Hun motto is: de toekomst van de bibliotheek in Nederland ligt in je achtertuin. En zo is het maar net.

Overigens is deze foto hierboven de ene helft van een kunstwerk aan de Lek. De andere helft (aan de overkant) is er nooit gekomen. Welk verhaal daar bij hoort lees je hier.

Hoe het bevalt in het Zuiden

“En, hoe bevalt het in het Zuiden?” Die vraag wordt me de laatste tijd vaak gesteld. Begrijpelijk. Mijn standaardantwoord is altijd: “goed. Het bevalt me heel erg goed”. En dat is ook zo. Voor iedereen die ik de afgelopen maanden niet ‘in het echt’ heb ontmoet hierbij een iets uitgebreider antwoord op die vraag, in al zijn variaties. Mijn eerste honderd dagen zijn  inmiddels achter de rug dus dit lijkt me daar wel een goed moment voor.

Hoe is het om terug te zijn in Limburg?

Leuk. Vreemd, maar fijn vreemd. Ik ben geboren en opgegroeid in Limburg en al mijn familie woont in deze provincie dus voor mijn gevoel was ik er nooit weg. Ik woonde alleen vanaf mijn 17e ergens anders. Wat heel erg wennen is dat je de hele dag, met iedereen, Limburgs kunt praten. Dus ook op je werk. En dat is onverwachts fijn. Want Limburgs praten is toch “als mezelf praten”, zoals een nichtje dat als expatkind van Limburgse ouders in Azië opgroeide dat ooit noemde.

Hoe bevalt Roermond?

Heel goed. Het is een mooie stad en redelijk overzichtelijk. Ik kende er niemand en daarom ben ik me vanuit mijn nieuwe functie aan iedereen gaan voorstellen. Ik ga overal op bezoek om met zoveel mogelijk mensen kennis te maken dus zo leer ik ook meteen de stad kennen. Ik heb bij de gemeentearchivaris gezeten, de theaterdirecteuren, de burgemeester, de Deken en bij de winkeliers in de straat. Eerlijk gezegd kende ik de stad alleen als toerist (als geboortestad van Pierre Cuypers, en van de kathedraal en de Munsterkerk) maar het is ook de stad van de grootste outlet van Europa en ja, ook de stad van Jos van Rey. Met andere woorden: het is hier niet saai.

Hoe gaat het met de bibliotheek?

De bibliotheek van Roermond is een prachtig gebouw (het heeft niet voor niets ooit een architectuurprijs gewonnen) midden in de stad, met een prachtige collectie en we zijn stevig aanwezig op alle scholen in ons werkgebied via de Bibliotheek op School. De zaken zijn prima op orde. De basisbibliotheek Bibliorura werkt voor twee gemeentes: Roermond en Roerdalen, die laatste is een plattelandsgemeente en is zijn bibliotheekbeleid aan het herzien dus de komende tijd wordt het erg spannend.

Mis je Amsterdam niet?

Nee, ik mis Amsterdam niet. Ik mis mijn vrienden wel. En ik mis de culturele voorzieningen, want er zijn weliswaar twee theaters in Roermond maar daar is weinig toneel te zien. Inmiddels heb ik de programmeurs van beide theaters ontmoet (het voordeel van zo’n kleine stad) dus wie weet komen er in de toekomst wat meer toneelvoorstellingen naar de regio? In de omgeving zijn meer theaters, dat van Weert ligt een half uurtje rijden hier vandaan. Om het in perspectief te plaatsen: in Amsterdam deed ik er vanaf mijn huis bijna drie kwartier over om op de fiets naar Amsterdam-Noord te komen. Dus dat valt wel mee.

Hoe bevalt het om directeur te zijn?

Goed. Het is een hele nieuwe ervaring en dat was de bedoeling. Het was wennen om opeens niet meer in de uitvoering te zitten, maar de regie hebben begint steeds beter te bevallen. Daarbij helpt het enorm dat de collega’s van de bibliotheek allemaal zo aardig en welwillend zijn. Bijkomend voordeel van de functie is dat ik nu wordt uitgenodigd voor allerlei interessante gelegenheden, zoals de ledenvergadering van de VOB en de adviescommissie over het omslagstelsel van NBD biblion.

 

Hier is het de laatste maanden een stuk stiller. Deels omdat ik het erg druk heb gehad met verhuizen en het inrichten van mijn nieuwe huis maar ook omdat mijn hoofd niet echt naar bloggen staat. En ook wel omdat ik in mijn nieuwe functie voorlopig wat meer op mijn woorden wil passen. Voorlopig he, dus ik beloof niks. Maar om dat een beetje goed te maken hierbij een filmpje van een bekende Roermondenaar, die ik regelmatig door de stad zie fietsen. Om een beetje in de stemming te komen:

Lessen uit Australië

De Australische standup comedian en muzikant Tim Minchin kreeg een eredoctoraat van zijn oude universiteit, de University of Western Australia. Bij die gelegenheid hield hij een toespraak en hij  had voor de verzameling afstuderende studenten in de zaal negen levenslessen in petto. Andere lessen dan je misschien zou verwachten.

Hij houdt een hartstochtelijk pleidooi voor empathie, bescheidenheid, twijfel, nieuwsgierigheid en hij doet een oproep om te delen: “be a teacher. And even if you’re not a teacher, be a teacher”.

Het is een hele geestige toespraak: “Arts degrees are awesome cause they help you find meaning where there is none” maar achter al die grappen zitten een aantal nuttige adviezen, zeker voor jonge mensen.

“You don’t have to have a dream (..) you should be careful of longterm goals because if you focus to far in front of you, you won’t see the shiny thing out of the corner of your eye.”

“It’s all luck”

“Define yourself by what you love. Be pro stuff not just anti stuff.”

Neem even de tijd om het filmpje te bekijken, Minchin praat niet altijd even duidelijk en sommige grappen moeten even bezinken dus neem de tijd. Kijk straks maar even in je lunchpauze, of vanavond op de bank. Trek er even 12 minuten voor uit, want de lessen zijn ook interessant als je geen student meer bent. Vooral ook omdat hij begint met het belachelijk maken van motivational speakers. Op zijn eigen website staat de transcriptie van zijn toespraak en daar is het hele filmpje te zien, dus inclusief de uitreiking van het eredoctoraat.

Voor wie zich afvraagt waarom een standup comedian van nog geen 40 een eredoctoraat krijgt: hij acteert ook en hij heeft o.a. de veelbekroonde musical Matilda geschreven. En ja, dat haar is zo’n beetje zijn handelsmerk.

27/6/16 Het filmpje dat hier oorspronkelijk stond is op verzoek van de University of Western Australia van Youtube afgehaald vanwege copywright kwesties. Dus heb ik het vervangen door dit filmpje, dit is de originele versie, inclusief de uitreiking van het eredoctoraat.

John Green over censuur

Een paar weken geleden publiceerde de American Library Association hun jaarlijkse top 10 van meest verboden boeken. Ik heb er vaker over geschreven, over censuur in de Verenigde Staten, maar elke keer als ik er over lees vind ik het weer bizar. Op de Banned & Challenged Books lijst staan alle boeken waar een officiële klacht over is ingediend en/of een verzoek is gedaan om het te verwijderen uit de collectie. In de meeste gevallen wordt zo’n boek dan uit de collectie gehaald, zeker in het geval van schoolbibliotheken.

Het is, zoals meestal, een vrij bizarre lijst. Althans: ik kan me bij sommige titels wel voorstellen dat mensen er aanstoot aan nemen (op nummer twee staat Fifty shades of Grey bijvoorbeeld) maar ik begrijp niet dat je het andere mensen dan niet gunt om zoiets te lezen. En ik begrijp al helemaal niet wat er zo aanstootgevend is aan Het wonderbaarlijke voorval met de hond in de nacht. De Bijbel staat op de lijst omdat het religieus is. (Uhuh..) Een van de redenen waarom Fifty shades of Grey verboden zou moeten worden is overigens dat het very poorly written was. Dat vind ik dan wel weer geestig.

Nummer een op de lijst is Looking for Alaska van John Green. De John Green van Een weeffout in onze sterren, de Young Adult superhit van twee jaar geleden. Green heeft op zijn vlog gereageerd op het feit dat hij op de lijst staat en ik deel het filmpje hier graag omdat hij zo goed uitlegt waarom het flauwekul is.

Omdat tieners echt niet zo beinvloedbaar zijn via literatuur. Maar vooral omdat hij niet gaat over wat er in de bibliotheek staat omdat hij geen bibliothecaris of onderwijzer is: “the highly trained, criminally underpaid professionals we employ to make these decisions”. En dan gaat hij nog even door over waarom het goed is dat kinderen zelf leren nadenken. Het is niet zo’n lang filmpje, kijk maar gewoon even. En als je geen 3.18 minuten kunt missen, kijk dan in elk geval even de laatste 40 seconden, vanaf 2.30 minuut, dan heb je een idee van de strekking.

Green is er vrij laconiek onder, al doet de opgewonden manier waarop hij praat misschien anders vermoeden. Maar dat is gewoon de manier waarop hij praat, kijk maar eens naar een van zijn andere filmpjes. Hij vlogt samen met zijn broer Hank onder de naam Vlogbrothers, ze maken om de beurt een filmpje voor elkaar waarin ze iets vertellen of iets uitleggen. Dat doen ze al bijna 10 jaar lang en vrij fanatiek, je vraagt je af waar John de tijd vandaan haalt om ook nog al die boeken te schrijven.

defend the freedom to read

De bibliothecaris en de ondernemer

optimism

De laatste tijd hoor je er gelukkig wat minder over, over de bibliotheekmedewerker als cultureel ondernemer, de hype is weer een beetje over. Maar af en toe popt het toch weer op. Het klinkt ook wel lekker: cultureel ondernemer. Klinkt toch net wat flitsender dan bibliothecaris. En ach, als de bibliotheek daarmee bedoelt dat ze meer gaat doen dan alleen boeken uitlenen, dat ze er op uit moet en actief haar publiek moet gaan opzoeken dan is dat uiteraard alleen maar toe te juichen.

Volgens Wikipedia is een cultureel ondernemer: een producent van kunst die hiervoor zo veel mogelijk betalend publiek probeert te interesseren en tegelijkertijd streeft naar een sluitende exploitatie van zijn ‘onderneming’. Ik vind het eerlijk gezegd een beetje een vreemde definitie want dit suggereert dat er ook producenten van kunst zijn die het geen biet interesseert of de exploitatierekening van hun onderneming sluitend is of niet. En dat is natuurlijk niet zo, uiteindelijk komt toch overal de belastingdienst langs en moet er overal geld in het laatje komen. Maar de bedoeling is duidelijk: de cultureel ondernemer wordt hier gezet tegenover de eenzame kunstenaar op een zolderkamertje die alleen maar met kunst bezig wil zijn en zich te verheven voelt om aan geld te denken. Zo’n soort kunstenaar bestaat al lang niet meer, maar het beeld is duidelijk.

De Rijksoverheid stimuleert cultureel ondernemerschap, het is zelfs een van de speerpunten van het huidige cultuurbeleid. De Rijksoverheid bedoelt met ondernemerschap dat culturele instellingen zelf op zoek moeten gaan naar andere financieringsmogelijkheden, naast reguliere subsidies. Ze denken daarbij aan bijdragen van particuliere fondsen, sponsors en mecenassen. Er is een speciaal programma om instellingen te leren hoe dat moet, dat fondsenwerven. Kun je niet tegen zijn lijkt me.

Maar soms gaat het mis en neemt een manager van een culturele instelling de uitdrukking letterlijk. Dan gaat hij (of zij) zich gedragen alsof zijn organisatie een commercieel bedrijf is en gaat technieken en methodes uit het bedrijfsleven invoeren. Omdat hij een boek gelezen heeft, een cursus heeft gedaan of is opgejut door vriendjes die in het grote geld zitten. En dat gaat wringen. Want sommige theorieën zijn misschien universeel maar een culturele instelling is geen commercieel bedrijf en kun je dus ook niet als zodanig runnen. Het doel van een bibliotheek is immers niet om geld te verdienen dus alle energie die je in commercie stopt leidt af van de kerndoelen. De directeur van het Wereldmuseum probeerde het (op verzoek van de gemeente Rotterdam) maar dat ging faliekant verkeerd, het museum ging bijna failliet.

Voor alle duidelijkheid: ik heb helemaal niks tegen bibliotheken die proberen om extra inkomsten te creëren. Dat is alleen maar te prijzen. Maar ik word altijd een beetje kriegel als bibliothecarissen zichzelf cultureel ondernemer noemen. Aanstellerij. Wij zíjn geen ondernemers al hebben we soms met grote sommen geld te maken. Ondernemen doe je met je eigen geld, of in elk geval voor eigen risico, niet met gemeenschapsgeld. Joop van den Ende, dát is een cultureel ondernemer: die gebruikt zijn eigen verdiende geld om kunst te produceren, om te maken wat hij interessant vindt. Als zijn producties een succes zijn is de winst voor hem en als het geen succes is, het verlies ook. Als een bibliotheek winst zou maken (of waarschijnlijker, als ze geld overhoudt) dan moet dat terug naar de gemeente. Misschien niet meteen maar uiteindelijk zal de gemeente het als argument gebruiken om te bezuinigen op de bibliotheek. En als de bibliotheek verlies maakt zal de gemeente er voor zorgen dat de bibliotheek niet omvalt. In het ideale geval althans.

Het is zo makkelijk gezegd: “de bibliotheek moet cultureel ondernemer worden”, vooral door politici die eigenlijk geen idee hebben. Die de bibliotheek alleen maar zien als subsidieslurper. Op deze manier proberen ze op een makkelijke manier de verantwoordelijkheid af te schuiven: “gaan jullie je eigen geld maar verdienen, dan zijn wij er van af”. Gelukkig zijn er steeds meer gemeentes die inzien dat een bibliotheek een maatschappelijke functie heeft. Dat het geen bedrijf is en dus ook niet cultureel kan ondernemen. En de politici die dat niet inzien moeten we overtuigen in plaats van mee te gaan in hun waanbeeld. Want dat is het: een waanbeeld.

The Bookmobile

Over de kracht van lezen. En over de bibliobus.

Het filmpje is gemaakt door StoryCorps, een organisatie die zich toelegt op het vastleggen van verhalen. Our mission is to provide Americans of all backgrounds and beliefs with the opportunity to record, share, and preserve the stories of our lives. Om een idee te krijgen van hoe dat werkt is hier nog een ander filmpje te zien.